Belanghebbende was werkzaam als bedrijfsleider bij een bedrijf en had recht op een tantième, een variabele beloning gebaseerd op de winst van het jaar 2008. De Inspecteur weigerde toepassing van de 30%-regeling op dit tantième omdat de regeling per 31 juli 2008 was geëindigd en het tantième pas na dat moment onvoorwaardelijk werd vastgesteld.
De rechtbank stelde belanghebbende in het gelijk en oordeelde dat de 30%-regeling ook van toepassing is op het tantième naar rato van de resterende looptijd in 2008, omdat het tantième verband houdt met de arbeid die gedurende de looptijd van de regeling is verricht. Het moment van uitbetaling of definitieve vaststelling is niet relevant.
Het Gerechtshof bevestigde dit oordeel en overwoog dat het doel en de strekking van de 30%-regeling zich niet verzetten tegen toepassing op variabele loonbestanddelen zoals het tantième. Ook het feit dat het recht op tantième pas na afloop van het jaar 2008 definitief werd, doet niet af aan het recht dat tijdens de looptijd is opgebouwd.
De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht. De uitspraak bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank en benadrukt de ruime uitleg van de 30%-regeling ten aanzien van variabele beloningen die tijdens de looptijd zijn verdiend.