ECLI:NL:GHARN:2012:BY1943
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afzonderlijke waardering woon- en kantoorgedeelte pand voor WOZ
Het geschil betreft de WOZ-waardering van een pand met zowel een woon- als een kantoorgedeelte. De Ambtenaar had de twee gedeelten als afzonderlijke objecten gewaardeerd, terwijl belanghebbende dit niet accepteerde en de rechtbank gaf haar daarin gelijk door de aanslagen te vernietigen.
In hoger beroep heeft het Gerechtshof Arnhem geoordeeld dat het pand op de waardepeildatum 1 januari 2010 feitelijk bestond uit twee afsluitbare en zelfstandig bruikbare gedeelten, elk voorzien van eigen keuken- en sanitaire voorzieningen. Hierdoor zijn zij volgens artikel 16 van Pro de Wet WOZ terecht als afzonderlijke objecten aangemerkt.
Belanghebbendes beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de Ambtenaar verplicht is de feitelijke situatie op de waardepeildatum te hanteren. Het hof vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond.
De waarde van de afzonderlijke gedeelten werd niet meer betwist, zodat het geschil zich beperkte tot de objectafbakening. Het hof zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en sprak de beslissing uit in aanwezigheid van de voorzitter en griffier.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Ambtenaar wordt gegrond verklaard en het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard.