ECLI:NL:GHARN:2012:BW7532
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg samenlevingsovereenkomst en vergoeding investeringen in woning na beëindiging relatie
Partijen, die een affectieve relatie hadden en samenwoonden in de woning van appellant, sloten een samenlevingsovereenkomst waarin afspraken zijn gemaakt over de bijdrage in de kosten van de huishouding en vergoeding van investeringen in de woning.
Na beëindiging van de relatie vorderde geïntimeerde betaling van €10.000,- op grond van artikel 6 lid 4 van Pro de overeenkomst, een bedrag dat partijen als vaste investering hadden afgesproken. De rechtbank wees een deel van deze vordering toe (€6.817,-) en wees verrekening af vanwege onvoldoende bewijs.
Het hof paste het Haviltex-criterium toe voor de uitleg van de overeenkomst en oordeelde dat de bepaling over het vaste bedrag bedoeld was om geïntimeerde een vordering te geven op appellant bij beëindiging van de relatie, ook zonder mede-eigendom van de woning. Het hof vernietigde het vonnis voor zover het bedrag boven €6.817,- was afgewezen en veroordeelde appellant tot betaling van het resterende bedrag van €3.183,- met wettelijke rente. De proceskosten van het hoger beroep werden gecompenseerd.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld tot betaling van €3.183,- plus wettelijke rente aan geïntimeerde.