ECLI:NL:GHARN:2012:BW0189
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.L. Wattel
- P.H. van Ginkel
- F.J.P. Lock
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging faillissementsvonnissen van meerdere besloten vennootschappen na aanvraag door Belastingdienst en bank
Het gerechtshof Arnhem behandelde het hoger beroep van vijf besloten vennootschappen tegen hun faillietverklaring door de rechtbank Arnhem op verzoek van de Ontvanger van de Belastingdienst en ABN AMRO Bank N.V. Het hof stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd was op grond van de EU Insolventieverordening.
De faillissementen waren aangevraagd wegens opeisbare vorderingen van zowel de Ontvanger als ABN AMRO, waarbij het hof vaststelde dat er sprake was van pluraliteit van schuldeisers en dat de vennootschappen niet in staat waren hun schulden te voldoen. De appellanten betoogden onder meer dat de Ontvanger niet bevoegd was of misbruik had gemaakt van zijn bevoegdheid, en dat verzoeken om uitstel van betaling niet voldoende waren meegewogen.
Het hof oordeelde dat het toestemmingsvereiste van het Ministerie van Financiën geen constitutieve voorwaarde is voor het aanvragen van faillissement en dat geen sprake was van misbruik van bevoegdheid door de Ontvanger. Ook werd geoordeeld dat de Ontvanger binnen zijn beoordelingsmarge handelde bij het doorzetten van de faillissementsaanvragen ondanks verzoeken om uitstel van betaling.
Ten slotte concludeerde het hof dat de vorderingen van de Ontvanger en andere schuldeisers voldoende vaststonden en dat de vennootschappen in staat van faillissement moesten worden verklaard. De hoger beroepen werden verworpen en de vonnissen van de rechtbank Arnhem van 27 januari 2012 werden bekrachtigd.
Uitkomst: Het gerechtshof Arnhem bekrachtigt de faillissementsvonnissen en verklaart de vennootschappen in staat van faillissement.