ECLI:NL:GHARN:2012:BV9120
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.B.H. Röben
- J.P.M. Kooijmans
- R.A.V. Boxem
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over WOZ-waarde en objectafbakening van woning met agrarische grond
Belanghebbende betwistte de waardering van zijn woning inclusief een achterliggende agrarische grond door de gemeente IJsselstein, die de WOZ-waarde had vastgesteld op €642.000. De grond lag gescheiden door een sloot en had een agrarische bestemming, wat belanghebbende aanvoerde niet tot de onroerende zaak behoorde.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, maar het gerechtshof Arnhem oordeelde anders. Het hof stelde vast dat de grond volgens artikel 16 Wet Pro WOZ als onderdeel van de onroerende zaak kon worden aangemerkt, ondanks de sloot en bestemming. Wel vond het hof dat de waardering onvoldoende aannemelijk was gemaakt, mede vanwege onduidelijkheden over vergelijkingsobjecten en waardedrukkende factoren zoals achterstallig onderhoud en overlast.
Belanghebbende maakte zijn eigen waarde niet aannemelijk, maar het hof stelde op basis van alle gegevens de waarde van de onroerende zaak vast op €600.000. De uitspraak van de rechtbank en de ambtenaar werden vernietigd, en de aanslag OZB dienovereenkomstig verminderd. Tevens werd het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het gerechtshof stelde de WOZ-waarde van de onroerende zaak vast op €600.000 en vernietigde de eerdere uitspraak en aanslag.