ECLI:NL:GHARN:2011:BU3964
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Evenredige huurprijsvermindering vereist vordering; verrekening schadeposten met huur toegestaan
In deze zaak verhuurde geïntimeerde een recreatiewoning aan appellant tegen een maandelijkse huurprijs van €720. Na afsluiting van gas, water en elektra door de verhuurder in juli 2009, stopte appellant met huurbetaling per september 2009 en stelde hij een opschorting wegens gebreken en schadeposten die hij zelf had hersteld.
Appellant vorderde in eerste aanleg onder meer een aanzienlijke huurprijsvermindering en verrekening van kosten die hij had gemaakt voor herstel van gebreken. De kantonrechter verklaarde appellant niet-ontvankelijk in zijn reconventie omdat hij de vordering niet tijdig had ingesteld. In hoger beroep stelde appellant dat hij de kosten mocht verrekenen met de huur.
Het hof oordeelde dat op grond van artikel 7:207 lid 1 BW Pro en 7:257 BW voor een evenredige huurprijsvermindering een vordering vereist is, zodat appellant geen opschortingsrecht kon ontlenen aan zijn eigen verrekeningen. Wel mocht appellant de schadeposten die hij aannemelijk had gemaakt en die niet of onvoldoende waren gemotiveerd betwist door geïntimeerde, verrekenen met de huur. De ontbinding van de huurovereenkomst bleef in stand vanwege de disproportionele huurachterstand.
Het hof vernietigde het vonnis voor zover de verrekening van schadeposten werd afgewezen en bekrachtigde het verder. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Huurpenningen worden verminderd met schadeposten; ontbinding huurovereenkomst blijft in stand.