ECLI:NL:GHARN:2011:BT7632
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kwalificatie stichting als algemeen nut beogende instelling en lasten bij verkrijging boerderij
Belanghebbende, een stichting die financiële ondersteuning verleent en als ANBI is aangemerkt, kreeg een boerderij en een geldbedrag gelegateerd met een recht van gebruik en bewoning voor de pleegzoon van de erflaatster en diens echtgenote. De Inspecteur legde successierechten op tegen het reguliere tarief, stellende dat belanghebbende niet als algemeen nut beogende instelling kwalificeert en dat aan de verkrijging een opdracht is verbonden die het karakter van algemeen belang ontneemt.
De Rechtbank oordeelde dat belanghebbende wel als ANBI kan worden aangemerkt en dat de lasten geen onpersoonlijke lasten zijn, waardoor het verlaagde tarief van toepassing is. De Inspecteur stelde hoger beroep in, belanghebbende incidenteel.
Het Hof bevestigt het oordeel van de Rechtbank dat belanghebbende met haar feitelijke werkzaamheden het algemeen belang ten minste in gelijke mate dient als het particulier belang, mede door het beleidsplan en de uitvoering van schenkingen. Verder oordeelt het Hof dat de lasten niet onpersoonlijk zijn, omdat zij samenhangen met het persoonlijk recht van gebruik en bewoning van de pleegzoon en diens echtgenote. Het Hof verklaart het hoger beroep ongegrond en het incidentele hoger beroep gegrond, waarbij de Inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur wordt ongegrond verklaard en het incidentele hoger beroep van belanghebbende gegrond, met toekenning van proceskosten aan belanghebbende.