ECLI:NL:GHARN:2011:BS1101
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bedrog, misbruik van omstandigheden en dwaling bij schenking en verkoop perceel grond
In deze civiele zaak staat centraal of er sprake is van wilsgebreken bij de verkoop en schenking van een perceel grond door een moeder aan haar zoon. Appellante, de dochter, stelt dat de verkoop tot stand kwam door bedrog, misbruik van omstandigheden en dwaling, mede omdat de werkelijke waarde van het perceel veel hoger zou zijn dan de getaxeerde waarde en de moeder niet goed geïnformeerd was.
Het hof stelt vast dat de moeder bewust haar vermogen overbracht aan haar kinderen en dat de verkoopprijs van € 35.000,- gebaseerd was op een taxatierapport met agrarische bestemming. Een later taxatierapport wees op een veel hogere waarde, maar het hof oordeelt dat dit niet betekent dat de moeder niet de wil had het perceel te schenken. De stellingen van appellante zijn onvoldoende onderbouwd en berusten op aannames.
Het hof overweegt dat er geen bewijs is dat geïntimeerde moedwillig heeft misleid of dat de moeder door bijzondere omstandigheden tot de verkoop is bewogen. Ook is geen sprake van dwaling, omdat de moeder volgens het hof voldoende op de hoogte was en de waarde voor haar niet doorslaggevend was. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt appellante in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het beroep van appellante af.