ECLI:NL:GHARN:2011:BQ5245
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder voor onbetaalde facturen vennootschap
In deze civiele zaak stond de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder centraal. De appellant, tevens bestuurder en enig aandeelhouder van een besloten vennootschap, had betalingen van afnemers privé geïncasseerd terwijl de vennootschap de contractuele verplichtingen aanging. De vennootschap was failliet verklaard en beschikte over vrijwel geen activa.
De geïntimeerde had werkzaamheden verricht en facturen gestuurd die onbetaald bleven. De rechtbank had de bestuurder persoonlijk aansprakelijk gesteld voor deze betalingsverplichtingen, omdat hij wist of redelijkerwijs moest begrijpen dat de vennootschap niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen en geen verhaal zou bieden.
De appellant voerde aan dat de opdrachten altijd namens de vennootschap waren gegeven en dat de geïntimeerde hiermee akkoord was. Dit werd door het hof verworpen, mede vanwege het feit dat de bestuurder privé betalingen ontving en de vennootschap niet over de benodigde middelen beschikte.
Het hof oordeelde dat de geïntimeerde erop mocht vertrouwen dat de vennootschap haar verplichtingen zou nakomen, terwijl de bestuurder onrechtmatig handelde door namens de vennootschap verbintenissen aan te gaan zonder dat de vennootschap de middelen had. De vorderingen van de geïntimeerde werden bevestigd en het hoger beroep van de bestuurder werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof bevestigde de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder en wees het hoger beroep af.