ECLI:NL:GHARN:2011:BP7697
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- J.P. Fokker
- P.L.R. Wefers Bettink
- H.C. Frankena
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontslag op staande voet wegens vermeende ongeoorloofde relatie en werkverzuim
Appellant was sinds 2006 in dienst bij Jongeren Onder Dak B.V. (JOD) als teamleider en werd op 5 juli 2010 op staande voet ontslagen wegens een vermeende ongeoorloofde relatie met een minderjarige en ongeoorloofd werkverzuim.
JOD baseerde het ontslag op foto's, MSN-berichten en een indicatiebesluit van Bureau Jeugdzorg, terwijl appellant deze aantijgingen betwistte en stelde dat de bewijzen gemanipuleerd waren. Tevens voerde appellant aan dat hij contact had met de Arbodienst en niet onwettig afwezig was.
Het hof oordeelde dat onvoldoende aannemelijk was dat sprake was van een ongeoorloofde relatie en dat zelfs als die relatie bestond, dit niet zonder meer ontslag op staande voet rechtvaardigt. Ook was onvoldoende gesteld dat het werkverzuim ongeoorloofd was. Het ontslag op staande voet houdt daarom geen stand.
Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde JOD tot betaling van achterstallig loon, doorbetaling van salaris tot het einde van het dienstverband, wettelijke verhoging, rente en proceskosten. Het arrest is uitgesproken op 1 maart 2011.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt JOD tot doorbetaling van loon en kosten omdat het ontslag op staande voet niet standhoudt.