ECLI:NL:GHARN:2011:BP6697
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering aftrek scholingsuitgaven voor studie overleden echtgenote
Belanghebbende maakte aanspraak op aftrek van scholingsuitgaven voor de rechtenstudie van zijn inmiddels overleden echtgenote aan de Universiteit van Bagdad. De Inspecteur weigerde deze aftrek omdat belanghebbende geen betalingsbewijzen kon overleggen en de verklaringen over de studiekosten onderling inhoudelijk afweken.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, en ook het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de inhoud van een telefonisch gesprek met een ambtenaar onvoldoende aannemelijk was gemaakt.
In hoger beroep heeft het Hof het standpunt van belanghebbende onderzocht, maar oordeelde dat de bewijsvoering onvoldoende was om de aftrek toe te kennen. Ook de heffingsrente werd in stand gelaten omdat daartegen geen zelfstandige gronden waren aangevoerd.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van aftrek van scholingsuitgaven bevestigd.