ECLI:NL:GHARN:2010:BO4575
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.Ch. Verschuur
- W. Breemhaar
- B.J.H. Hofstee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boetebeding bij toerekenbare tekortkoming in koopwoningovereenkomst
In deze zaak stond centraal of de koper, die tekort was geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit een koopovereenkomst voor een woning, terecht een boete van 10% van de koopsom moest betalen. De koopakte bevatte een boetebeding dat bij niet-nakoming na ingebrekestelling een boete oplegt.
De koper stelde dat hij niet toerekenbaar tekort was geschoten omdat de verkoper op de hoogte was van de financieringsproblemen en dat de boete gematigd moest worden. Het hof overwoog dat de koper en diens medeverdachte zelf verantwoordelijk waren voor de financiering en dat zij niet aan hun verplichtingen hadden voldaan. De stellingen van de koper waren onvoldoende onderbouwd.
Het hof verwierp alle grieven van de koper, bevestigde de toerekenbare tekortkoming en oordeelde dat er geen grond was voor matiging van de boete. Het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd en de koper werd veroordeeld tot betaling van de boete en proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt de koper tot betaling van de boete van 10% van de koopsom wegens toerekenbare tekortkoming.