ECLI:NL:GHARN:2010:BN2062
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- M.M. Olthof
- H.L. van der Beek
- L.L.M. de Lorijn
- H.B.M. Duenk
- Rechtspraak.nl
Geen rechtsverwerking bij beëindiging pachtovereenkomst en indeplaatsstelling
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of geïntimeerden zich terecht konden beroepen op rechtsverwerking, omdat de Diaconie zich niet meer kon beroepen op het ontbreken van een verlengingsverzoek van de pachtovereenkomst die op 31 december 2009 eindigde.
Na een tussenarrest en een comparitie van partijen heeft het hof de brief van de advocaat van de Diaconie van 12 december 2008 onderzocht. Geïntimeerden stelden dat deze brief en de intrekking van het hoger beroep tegen een eerdere beschikking erop duidden dat verlenging niet meer nodig was. De Diaconie betwistte dit en wees erop dat zij al had gesteld dat de pachtovereenkomst zou eindigen.
Het hof oordeelde dat geïntimeerden onvoldoende hadden gemotiveerd dat er sprake was van rechtsverwerking. De brief bood onvoldoende aanknopingspunten om te concluderen dat verlenging overbodig was. Ook het feit dat geïntimeerden werden bijgestaan door een advocaat versterkte dit oordeel.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Alkmaar en verklaarde geïntimeerde sub 1 niet-ontvankelijk in zijn vorderingen. Tevens werden geïntimeerden veroordeeld in de proceskosten. De pachtovereenkomst werd geacht onherroepelijk te zijn geëindigd op 31 december 2009.
Uitkomst: Geïntimeerde sub 1 is niet-ontvankelijk verklaard in zijn vorderingen en de pachtovereenkomst is geëindigd op 31 december 2009.