ECLI:NL:GHARN:2010:BM3391
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor inbraak bij juwelierswinkel op basis van DNA-bewijs
Verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor een inbraak bij een juwelierswinkel waarbij sieraden werden weggenomen. De veroordeling was voornamelijk gebaseerd op DNA-sporen die op de binnenrand van een doorbraakopening in de etalageruit werden aangetroffen, wat direct verband hield met het strafbare feit.
De verdediging betoogde dat de DNA-match onvoldoende bewijs vormde vanwege mogelijke vervuiling van de databank en het risico op mismatches. Het hof verwierp deze bezwaren, mede vanwege de uitzonderlijke plaats van het bloedspoor en de zeer geringe kans op een andere persoon met hetzelfde DNA-profiel.
Getuigenverklaringen bevestigden de aanwezigheid van verdachte of zijn gelijken in de buurt van de juwelierswinkel op het moment van de inbraak. Verdachte gaf geen inhoudelijke verklaring en ontkende het delict. Het hof hield rekening met zijn eerdere veroordelingen en de ernst van het feit.
Hoewel de verdediging pleitte voor een lichtere straf vanwege reclasseringsbegeleiding, vond het hof dit onvoldoende om af te zien van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De opgelegde straf van drie maanden werd passend en geboden geacht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf voor de inbraak bij de juwelierswinkel.