ECLI:NL:GHARN:2009:BL6935
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.P. Fokker
- C.J.H.G. Bronzwaer
- E.W.M. Meulemans
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kennelijk onredelijk ontslag na reorganisatie bij Koninklijke Machinefabriek Stork B.V.
Appellant was sinds 1990 in dienst bij Stork en vervulde de functie van Project Engineer. Na een hartinfarct in 2004 hervatte hij zijn werkzaamheden op arbeidstherapeutische basis, waarbij hij in oktober 2005 als volledig arbeidsgeschikt werd gemeld. Stork vroeg toestemming aan de CWI om het dienstverband wegens bedrijfseconomische redenen te beëindigen, welke werd verleend. Het ontslag werd per 1 oktober 2006 geëffectueerd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het ontslag kennelijk onredelijk was, onder meer omdat het zou zijn gebaseerd op een voorgewende reden en de getroffen voorzieningen onvoldoende waren. Hij stelde ook dat zijn functie was gewijzigd en dat hij nog niet volledig arbeidsongeschikt was hersteld. Het hof stelde vast dat appellant na oktober 2005 zijn functie als Project Engineer volledig uitoefende, zij het met een accentverschuiving, en dat Stork terecht de ontslagvergunning voor die functie had aangevraagd.
Verder oordeelde het hof dat de reorganisatie noodzakelijk was en het Sociaal Kader van Stork, dat onder meer bemiddeling naar ander werk en financiële regelingen omvatte, toereikend was. Appellant had gekozen voor bemiddeling en was in dienst getreden bij Metalektro. De grieven van appellant faalden, zodat het hof het vonnis van de kantonrechter bekrachtigde en appellant veroordeelde in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt het vonnis dat het ontslag niet kennelijk onredelijk is en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.