ECLI:NL:GHARN:2009:BL0995
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid makelaar voor schade door onjuiste informatie over gebruiksmogelijkheden bijgebouw
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de makelaar aansprakelijk was voor schade die de koper had geleden doordat het bijgebouw bij de gekochte woning volgens het bestemmingsplan niet voor bewoning bestemd was. De koper stelde dat de makelaar had nagelaten de bestemming en gebruiksmogelijkheden van het bijgebouw te controleren en hem verkeerd had geïnformeerd.
Het hof stelde vast dat er geen zorgplicht van de makelaar bestond om zelfstandig onderzoek te doen naar de bestemmingsplanregels voor het bijgebouw, omdat het belang daarvan voor de koper niet voldoende kenbaar was. Verder waren de enkele opmerkingen over het gebruik van het bijgebouw onvoldoende concreet en niet onderbouwd om te spreken van onjuiste informatie.
De koper had onvoldoende bewijs geleverd dat de makelaar hem voorafgaand aan de koop expliciet had verteld dat het bijgebouw als kantoor mocht worden gebruikt. Ook de stellingen over de inrichting en het gebruik van het bijgebouw konden niet leiden tot aansprakelijkheid van de makelaar.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard, de vonnissen van de rechtbank Arnhem werden bekrachtigd en de koper werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaarde het hoger beroep ongegrond en bekrachtigde de vonnissen waarbij de makelaar niet aansprakelijk werd gehouden.