ECLI:NL:GHARN:2009:BK7025
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake fiscale kwalificatie eigen bijdrage leaseauto en navordering inkomstenbelasting
Belanghebbende, directeur van een vennootschap, maakte gebruik van een leaseauto waarvoor hij eigen bijdragen betaalde aan zijn werkgever. De Inspecteur stelde dat deze eigen bijdragen niet als vergoeding voor privégebruik konden worden aangemerkt, maar als vooruitbetaling op de koopsom van de auto na afloop van de leaseperiode. De Rechtbank Arnhem oordeelde eerder dat de navorderingsaanslagen terecht waren opgelegd, maar vernietigde de opgelegde boetes.
In hoger beroep stond centraal of er sprake was van een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde en of de eigen bijdrage fiscaal als vergoeding voor privégebruik kon worden aangemerkt. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur pas na een strafrechtelijk onderzoek bekend was met de feiten die aanleiding gaven tot navordering. De eigen bijdrage was volgens het Hof een vooruitbetaling op de koopsom, niet een vergoeding voor privégebruik.
Het Hof baseerde zich op verklaringen van betrokkenen bij de leasemaatschappij en garagebedrijf, die het systeem van versnelde afschrijving en restwaardebepaling toelichtten. De navorderingsaanslagen werden daarom bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard. Een verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.
De uitspraak onderstreept de fiscale risico’s van leaseconstructies waarbij eigen bijdragen worden gebruikt om bijtelling te nivelleren en benadrukt het belang van de fiscale kwalificatie van dergelijke betalingen.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de eigen bijdrage een vooruitbetaling is en wijst het hoger beroep af, waardoor de navorderingsaanslagen terecht zijn opgelegd.