ECLI:NL:GHARN:2009:BJ2965
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verdeling nalatenschap en toepassing verrekening artikel 53 Faillissementswet
In deze civiele zaak vordert de curator in het faillissement van [de failliet] de verdeling van de nalatenschap van erflater [erflater] en betaling van het aandeel van [de failliet] in de nalatenschap. De weduwe, [geïntimeerde sub 1], verzet zich tegen de verdeling en stelt dat zij reeds voldoende heeft betaald via een geldlening aan [de failliet], waarop zij zich beroept op verrekening op grond van artikel 53 Faillissementswet Pro.
De rechtbank heeft de vordering van de curator afgewezen omdat de vordering van [geïntimeerde sub 1] op [de failliet] hoger is dan het gevorderde bedrag. In hoger beroep betwist de curator de toepassing van artikel 53 Faillissementswet Pro, maar het hof oordeelt dat deze verrekeningsmogelijkheid ook hier geldt vanwege de nauwe samenhang tussen de lening en de vordering uit overbedeling.
Het hof bevestigt de toegewezen verdeling van de nalatenschap, waarbij het aandeel van [de failliet] in de onroerende zaak aan [geïntimeerde sub 1] is toegedeeld. De curator kan niet afwijken van deze verdeling zonder de paritas creditorum te doorbreken. De vordering van de curator wordt afgewezen en het hoger beroep wordt verworpen. De curator wordt veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep van de curator af en bevestigt de verdeling van de nalatenschap met toepassing van artikel 53 Faillissementswet.