ECLI:NL:GHARN:2009:BI2188
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- A.J.H. van Suilen
- J. van de Merwe
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake aftrek meerwaardeclausule bij verkoop melkquotum
Belanghebbende stelde beroep in tegen de aanslag inkomstenbelasting 2002, waarbij de Inspecteur slechts een deel van de betaling aan de broers van de echtgenoot in aftrek had toegelaten bij de verkoop van een melkquotum.
De zaak betreft de toepassing van een meerwaardeclausule uit een notariële akte van 1992, waarin bij verkoop van agrarische grond of melk- en mestquotum een deel van de meeropbrengst aan broers moet worden betaald, met aftrek van verschuldigde belasting over dat deel. De fiscale faciliteit van geruisloze doorschuiving volgens artikel 17 Wet Pro IB 1964 speelt een centrale rol.
Het Hof oordeelde dat slechts het deel van de betaling dat betrekking heeft op de waardeaangroei na de overdracht in 1992 aftrekbaar is, omdat de overdracht van het maatschapsaandeel van de vader aan de echtgenoot een einde maakte aan het ondernemerschap van de vader. Hierdoor moet bij verkoop in 2002 worden afgerekend over de doorgeschoven overdrachtswinst.
De rechtbank had de Inspecteur in het gelijk gesteld en het Hof bevestigde deze uitspraak. Het hoger beroep werd ontvankelijk verklaard, maar inhoudelijk ongegrond. De betaling aan de broers is slechts voor € 8.731 per maat aftrekbaar. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat slechts een deel van de betaling aan de broers aftrekbaar is, namelijk € 8.731 per maat.