ECLI:NL:GHARN:2009:BI1557

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
1 april 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08-00269
Instantie
Gerechtshof Arnhem
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Regeling diplomatieke en internationale vrijstellingen gemeentelijke belastingen
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijstelling onroerendezaakbelasting op grond van diplomatieke en internationale vrijstellingen

Belanghebbende kreeg voor het jaar 2000 een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd door de gemeente Onderbanken voor het gebruik van een onroerende zaak te Z. Na bezwaar werd de aanslag gehandhaafd, waarna belanghebbende in beroep ging bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch. Dit hof verklaarde het beroep ongegrond. De Hoge Raad vernietigde deze uitspraak en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem.

In de procedure bij het Hof stond centraal of belanghebbende terecht was aangeslagen. Tijdens de mondelinge behandeling erkende de heffingsambtenaar dat de echtgenote van belanghebbende op grond van haar verblijfsstatus recht had op vrijstelling van de onroerendezaakbelasting volgens de Regeling diplomatieke en internationale vrijstellingen gemeentelijke belastingen. Hierdoor kon de aanslag niet in stand blijven.

Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en de aanslag zelf. Tevens werd de gemeente Onderbanken gelast het door belanghebbende betaalde griffierecht bij het eerdere hof te vergoeden. Belanghebbende maakte geen aanspraak op proceskostenvergoeding. De uitspraak werd op 1 april 2009 in Arnhem openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag onroerendezaakbelasting 2000 wordt vernietigd wegens recht op vrijstelling.

Uitspraak

Gerechtshof Arnhem
eerste meervoudige belastingkamer
nummer 08/00269
Proces-verbaal mondelinge uitspraak
Belanghebbende : X
Te : Z
Verweerder : de heffingsambtenaar van de gemeente Onderbanken (hierna: de heffingsambtenaar)
aangevallen beslissing : uitspraak op bezwaar
Betreft : aanslag onroerendezaakbelasting 2000
Nummer : 10308
mondelinge behandeling : op 1 april 2009 te Arnhem
waarbij verschenen : de gemachtigde van belanghebbende en de heffingsambtenaar
gronden:
1. Aan belanghebbende is voor het jaar 2000 wegens het gebruik van de onroerende zaak A-straat te Z een aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Onderbanken opgelegd. Deze aanslag is, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de heffingsambtenaar gehandhaafd.
2. Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch, dat het beroep ongegrond heeft verklaard. Op het beroep in cassatie van belanghebbende heeft de Hoge Raad bij arrest van 6 juni 2008, nr. 41 769, de uitspraak van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch vernietigd en de zaak verwezen naar het gerechtshof te Arnhem (hierna: het Hof).
3. In geschil is uitsluitend of belanghebbende voor het jaar 2000 terecht is aangeslagen in de onroerendezaakbelastingen.
4. Ter zitting heeft de heffingsambtenaar erkend dat de echtgenote van belanghebbende op grond van haar verblijfsstatus ingevolge de Regeling diplomatieke en internationale vrijstellingen gemeentelijke belastingen recht heeft op vrijstelling van de onroerendezaakbelastingen wegens gebruik en daaruit de conclusie getrokken dat de onderhavige aanslag niet in stand kan blijven.
5. Het Hof zal dienovereenkomstig beslissen.
proceskosten:
Belanghebbende heeft ter zitting verklaard geen aanspraak te maken op vergoeding van proceskosten.
beslissing:
Het Gerechtshof:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vernietigt de onderhavige belastingaanslag;
- gelast dat de gemeente Onderbanken aan belanghebbende vergoedt het door deze ter zake van het beroep bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch gestorte griffierecht van € 27,23 (ƒ 60).
Aldus gedaan op 1 april 2009 door mr. J.A. Monsma, voorzitter, mr. J. van de Merwe en mr. A.J.H. van Suilen.
De beslissing is op dezelfde datum in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van mr. A. Vellema als griffier.
Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier, De voorzitter,
(A. Vellema) (J.A. Monsma)
Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op
Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer),
Postbus 20303,
2500 EH Den Haag.
Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:
1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
b de dagtekening;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;
d. de gronden van het beroep in cassatie.
Tenzij de Hoge Raad anders bepaalt, zal het gerechtshof deze mondelinge uitspraak vervangen door een schriftelijke. In dat geval krijgt u de gelegenheid de gronden van het beroep in cassatie alsnog aan te voeren of aan te vullen.
Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad.
In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.