ECLI:NL:GHARN:2009:BI1557
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling onroerendezaakbelasting op grond van diplomatieke en internationale vrijstellingen
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2000 een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd door de gemeente Onderbanken voor het gebruik van een onroerende zaak te Z. Na bezwaar werd de aanslag gehandhaafd, waarna belanghebbende in beroep ging bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch. Dit hof verklaarde het beroep ongegrond. De Hoge Raad vernietigde deze uitspraak en verwees de zaak naar het Gerechtshof Arnhem.
In de procedure bij het Hof stond centraal of belanghebbende terecht was aangeslagen. Tijdens de mondelinge behandeling erkende de heffingsambtenaar dat de echtgenote van belanghebbende op grond van haar verblijfsstatus recht had op vrijstelling van de onroerendezaakbelasting volgens de Regeling diplomatieke en internationale vrijstellingen gemeentelijke belastingen. Hierdoor kon de aanslag niet in stand blijven.
Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en de aanslag zelf. Tevens werd de gemeente Onderbanken gelast het door belanghebbende betaalde griffierecht bij het eerdere hof te vergoeden. Belanghebbende maakte geen aanspraak op proceskostenvergoeding. De uitspraak werd op 1 april 2009 in Arnhem openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag onroerendezaakbelasting 2000 wordt vernietigd wegens recht op vrijstelling.