ECLI:NL:GHARN:2009:BH0517
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.W. Zwemmer
- R. den Ouden
- J. van de Merwe
- Rechtspraak.nl
Toetsing legesheffing voor vrijstellingsprocedure bouwvergunning aan Wet RO en gemeentelijke verordening
Belanghebbende diende in 2005 een aanvraag in voor een lichte bouwvergunning voor het vernieuwen van een schuur, waarvoor leges werden geheven inclusief een verhoging wegens een vrijstellingsprocedure op grond van artikel 19, derde lid, van de Wet RO. De Rechtbank verklaarde het bezwaar van belanghebbende tegen de verhoging gegrond en vernietigde de uitspraak op bezwaar, omdat de gemeente het bestemmingsplan niet tijdig had herzien, waardoor de leges onredelijk zouden zijn.
De Ambtenaar stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Het Gerechtshof oordeelde dat de verhoging van de leges volgens de geldende gemeentelijke verordening en tarieventabel terecht was geheven. Het niet tijdig herzien van het bestemmingsplan, een termijn van orde volgens artikel 33 Wet Pro RO, leidt niet tot het ontbreken van een grondslag voor de legesheffing.
Het Hof verwierp het argument van de Rechtbank dat het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet RO, dat pas in 2008 in werking trad, relevant zou zijn voor de beoordeling van de legesheffing in 2005. Het hoger beroep van de Ambtenaar werd gegrond verklaard, de uitspraak van de Rechtbank vernietigd en het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het Gerechtshof verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond en bevestigt de legesheffing van € 256,95.