ECLI:NL:GHARN:2008:BG4936
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.A. Monsma
- W.J.N.M. Snoijink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep legesheffing bouwvergunning: tijdstip in behandeling nemen bepalend voor teruggaaf
Belanghebbende heeft een legesheffing van €905 opgelegd gekregen voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een reguliere bouwvergunning bij de gemeente Doetinchem. De aanvraag werd ontvangen op 8 juni 2005 en ingetrokken op 12 juli 2005. Volgens de legesverordening geldt dat bij intrekking binnen één maand na in behandeling nemen, een teruggaaf van leges plaatsvindt onder verrekening van €50.
De gemeente stelde dat de aanvraag in behandeling werd genomen op het moment van ontvangst, waardoor intrekking buiten de termijn viel. Het hof oordeelde echter dat noch de Wet op de Ruimtelijke Ordening, noch de Woningwet, noch enige regeling bepaalt dat de aanvraag bij ontvangst in behandeling is genomen. Op grond van artikel 4:5 Awb Pro kan een aanvraag ook niet worden behandeld.
Het hof onderzocht de omstandigheden, waaronder een overleg op 30 juni 2005 en de ontvangstbevestiging van 24 juni 2005, en concludeerde dat het in behandeling nemen van de aanvraag halverwege 8 en 30 juni 2005 moet worden aangenomen, dus uiterlijk 20 juni 2005. De intrekking op 12 juli 2005 viel binnen één maand na dat tijdstip, zodat de legesheffing moest worden verminderd tot €50.
De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de legesheffing aangepast. De gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van de griffierechten en proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De legesheffing wordt verminderd tot €50 omdat de intrekking binnen één maand na in behandeling nemen van de aanvraag plaatsvond.