ECLI:NL:GHARN:2008:BG4561
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over schriftelijke vastlegging en indeplaatsstelling pachtovereenkomst met discussie over ontsluiting en pachtprijs
In deze zaak staat de schriftelijke vastlegging van een mondelinge pachtovereenkomst tussen de rechtsvoorgangers van de verpachters en de pachter centraal, evenals de indeplaatsstelling van de pachter. Het geschil betreft onder meer de omvang van het gepachte, de ontsluiting van het land en de hoogte van de pachtprijs.
Het hof overweegt dat het vonnis waarin de pachtovereenkomst wordt vastgelegd bindend is voor partijen en dat het bewijsaanbod van appellanten niet toelaatbaar is, omdat getuigen al zijn gehoord en geen nieuwe feiten zijn aangevoerd. De grieven van appellanten over de vastlegging van het perceel en ontsluiting worden afgewezen, maar het hof wijst het bewijs toe over de vraag of er instemming is met nieuwe ontsluitingen, of een deel van een perceel met vangplek tot de pacht behoort en over de pachtprijs.
Verder wordt de vordering tot indeplaatsstelling van appellant 2 toegewezen, maar het hof wenst nadere inlichtingen over het economische belang en bedrijfsvoering. Een comparitie van partijen wordt gelast om te onderzoeken of een minnelijke schikking mogelijk is. De beslissing omtrent proceskosten wordt aangehouden en verdere bewijslevering wordt toegestaan.
De zaak betreft complexe agrarische pachtrechtelijke kwesties met meerdere partijen en procedures die zijn samengevoegd, waarbij het hof zorgvuldig de bewijswaardering en toepasselijke wettelijke bepalingen heeft toegepast.
Uitkomst: Het hof wijst de voeging toe, gelast comparitie, staat bewijs toe en wijst overige grieven af.