ECLI:NL:GHARN:2008:BC6283
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.B.H. Röben
- N.E. Haas
- C.M. Ettema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffing motorrijtuigenbelasting wegens ontbreken buitenlandse registratie en hoofdverblijf in Nederland
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een boete opgelegd voor het tijdvak van 18 november 2001 tot 17 november 2002. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en wees zijn bezwaren af. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
Tijdens de procedure stelde belanghebbende dat het motorrijtuig in Frankrijk was geregistreerd en dat hij zijn hoofdverblijf in het buitenland had, waardoor hij aanspraak zou maken op vrijstelling van motorrijtuigenbelasting op grond van artikel 73 van Pro de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994. Het Gerechtshof oordeelde echter dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat het voertuig daadwerkelijk in het buitenland was geregistreerd. Het feit dat het voertuig technisch was gekeurd ter verkrijging van een Franse registratie volstond niet.
Daarnaast was niet aannemelijk dat belanghebbende zijn hoofdverblijf in het buitenland had, ondanks het bezit van een geldige verblijfsvergunning voor Frankrijk. De registratie in het Nederlandse bevolkingsregister en het bezit van een Nederlands rijbewijs ondersteunden dit oordeel. Het Gerechtshof bevestigde daarom de naheffingsaanslag en de boete, omdat belanghebbende als houder van het voertuig belastingplichtig was en de vrijstelling niet van toepassing was.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boete worden bevestigd.