ECLI:NL:GHARN:2007:BC6143
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek vergoeding kosten na niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep
Verzoeker diende een verzoek in tot vergoeding van reis- en verblijfskosten, schade door tijdverzuim en kosten van de raadsman, naar aanleiding van een strafzaak waarin hij deels werd veroordeeld en deels werd vrijgesproken. Het openbaar ministerie stelde hoger beroep in tegen een deel van het vonnis, maar werd door het hof niet-ontvankelijk verklaard in dat hoger beroep.
Het hof overwoog dat de zaak niet was geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel zoals bedoeld in artikel 591a Sv, en dat de behandeling van het hoger beroep niet als een andere zaak kon worden beschouwd ondanks de wisselende opstelling van het openbaar ministerie. Daarom kon het verzoek tot vergoeding niet worden toegewezen.
Verzoeker was niet verschenen bij de raadkamerzitting, maar het hof nam kennis van de processtukken en concludeerde dat het verzoek niet-ontvankelijk moest worden verklaard. De beschikking werd uitgesproken door het hof te Arnhem op 10 september 2007.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot vergoeding van kosten.