ECLI:NL:GHARN:2007:BA6407
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Smeeïng-Van Hees
- Van Loo
- Van der Pol
- Rechtspraak.nl
Weigering verstekverlening wegens niet-naleving EG-Betekeningsverordening bij buitenlandse woonplaats
In deze zaak vordert appellant hoger beroep tegen vonnissen van de rechtbank Almelo. De geïntimeerde was echter niet verschenen bij de rolzitting, waarna appellant verstekverlening vroeg. De kern van het geschil betrof de juiste betekening van de appeldagvaarding.
Appellant had de dagvaarding betekend aan de advocaat van geïntimeerde in Nederland, terwijl geïntimeerde al enige jaren woonachtig was in Finland. Volgens het hof is in dat geval de EG-Betekeningsverordening van toepassing en moet de betekening volgens artikel 56 Rv Pro verlopen, inclusief verzending aan de bevoegde instantie in Finland.
Appellant had niet aangetoond dat aan deze vereisten was voldaan. Hierdoor kon geen verstek worden verleend tegen geïntimeerde. Het hof besloot daarom het verzoek tot verstekverlening te weigeren en verklaarde de procedure beëindigd. De uitspraak benadrukt het belang van correcte betekening bij buitenlandse woonplaatsen.
Uitkomst: Het hof weigert verstekverlening wegens niet-naleving van de EG-Betekeningsverordening en beëindigt de procedure.