ECLI:NL:GHARN:2006:AX9250
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering heffingsrente wegens onzorgvuldige uitbetaling heffingskortingen
Belanghebbende verzocht in 2002 om een voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting met een laag belastbaar inkomen en ontving een voorlopige teruggaaf inclusief heffingskortingen. Na indiening van de aangifte met nihil inkomen en ziektekosten voor het kind, stelde de Inspecteur een definitieve aanslag vast waarbij de heffingskortingen werden teruggenomen en heffingsrente werd berekend.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag en heffingsrente, stellende dat de Inspecteur onzorgvuldig handelde door de heffingskortingen automatisch uit te betalen zonder verzoek, en dat de heffingsrente onterecht was wegens vertraging aan Inspecteurszijde. De Inspecteur voerde aan dat bij nihil inkomen geen recht op heffingskortingen bestaat en dat heffingsrente terecht is berekend.
Het Hof oordeelt dat belanghebbende geen recht heeft op heffingskortingen bij nihil inkomen, conform wet en parlementaire geschiedenis. Wel is de automatische uitbetaling van de algemene heffingskorting zonder verzoek onzorgvuldig, waardoor de heffingsrente over dat deel moet worden verminderd. De heffingsrente over de kinderkorting blijft in stand omdat deze op verzoek werd toegekend. Het Hof vermindert de heffingsrente tot €13, veroordeelt de Inspecteur in proceskosten en wijst de Staat aan als de partij die deze kosten moet vergoeden.
Uitkomst: De heffingsrente wordt verminderd tot €13 wegens onzorgvuldige uitbetaling van de algemene heffingskorting en de Inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.