ECLI:NL:GHARN:2006:AV6387
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. Ettema
- M.C.M. de Kroon
- R. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Toepassing verlaagd omzetbelastingtarief op inschrijfgelden wandelevenement
Belanghebbende, een stichting die een jaarlijks wandelevenement organiseert, had over het tweede kwartaal van 2003 omzetbelasting aangegeven tegen het reguliere tarief van 19%, maar maakte bezwaar tegen deze heffing en vorderde toepassing van het verlaagde tarief van 6% op grond van het geven van gelegenheid tot sportbeoefening.
De Inspecteur wees het bezwaar af, waarna belanghebbende in beroep ging bij het Gerechtshof Arnhem. Het geschil betrof de uitleg van artikel 9, lid 2, onderdeel b, van de Wet op de omzetbelasting 1968 en de bijbehorende tabelpost b.3, in relatie tot de Zesde Richtlijn omzetbelasting van de Europese Unie.
Het Hof stelde vast dat de wetgever met de wijziging van post b.3 per 1 januari 2002 bewust een ruimere regeling heeft beoogd dan de richtlijn voorschrijft, waardoor een richtlijnconforme uitleg niet passend is. Het Hof volgde belanghebbende in haar standpunt dat de inschrijfgelden onder het verlaagde tarief vallen omdat de diensten worden aangemerkt als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening.
Het Hof vernietigde de uitspraak op bezwaar, kende belanghebbende een teruggaaf van € 103.937 toe, vergoedde het griffierecht en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten. Deze uitspraak bevestigt het nationale fiscale beleid dat ruimer is dan de EU-richtlijn en benadrukt het belang van rechtszekerheid.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep gegrond en wijst het verlaagde omzetbelastingtarief van 6% toe op de inschrijfgelden van het wandelevenement.