ECLI:NL:GHARN:2006:AV2981
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- J.B.H. Röben
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingheffing over tot 2001 gerijpte rente van rentecertificaat
Belanghebbende had een rentecertificaat van ƒ 400.000 met een looptijd van 4 jaar, ingaande 14 november 1997 en vervallend op 14 november 2001, waarbij rente werd opgebouwd tot een eindbedrag van ƒ 481.588,51. Voor de vervaldatum besloot belanghebbende de hoofdsom inclusief rente opnieuw uit te lenen aan dezelfde bank middels aankoop van een nieuw rentecertificaat met een looptijd van 4 jaar.
De Inspecteur rekende de tot 31 december 2000 opgebouwde rente van € 28.352 tot het belastbaar inkomen in box 1 voor het jaar 2001, hetgeen belanghebbende betwistte. Het geschil betrof de vraag of deze rente in 2001 als genoten inkomen moest worden aangemerkt.
Het Hof oordeelde dat de rente per 14 november 2001 ter beschikking was gesteld aan belanghebbende en dat deze vervolgens opnieuw was uitgeleend aan de bank. De stelling van belanghebbende dat hij niet over het bedrag kon beschikken was onverenigbaar met het feit dat hij zelf het initiatief had genomen tot herinvestering.
Op grond van de Invoeringswet Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de inkomstenbelasting 1964 was de rente als inkomen uit werk en woning in 2001 belast. Het beroep van belanghebbende werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2001 wordt bevestigd.