ECLI:NL:GHARN:2004:AR2920
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Woonark drijvend op water is roerende zaak en geen onroerende zaak voor WOZ-waardering
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waardering van zijn perceel met een woonark en schuur, waarbij de woonark als onroerend werd aangemerkt. De Ambtenaar van de gemeente Zeewolde had de waarde van het object initieel vastgesteld op €124.789 en na bezwaar verlaagd tot €68.067.
Het Hof stelde vast dat de woonark drijvend is, niet verankerd in de bodem, en eenvoudig vaarklaar gemaakt kan worden. Op grond van artikel 3:3 BW Pro en de aard van de woonark werd geoordeeld dat het een roerende zaak betreft, geen gebouw of werk, en dus niet tot de onroerende zaak behoort die volgens de Wet WOZ moet worden gewaardeerd.
De waarde van de woonark werd daarom uit de waardering geëlimineerd. De waarde van het perceel met schuur werd vastgesteld op €46.000, waarbij de waarde van de schuur werd verminderd wegens onvoldoende onderbouwing. Het Hof veroordeelde de Ambtenaar in de proceskosten van belanghebbende en bepaalde dat de gemeente Zeewolde deze moet vergoeden.
Uitkomst: De woonark wordt als roerende zaak aangemerkt en uit de WOZ-waardering geëlimineerd, waardoor de waarde van het object wordt vastgesteld op €46.000.