ECLI:NL:GHARN:2003:AF4581
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- A.M. van Amsterdam
- J.A. Monsma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag grondwaterheffing wegens toepassing uitzondering Grondwaterwet bij oppervlaktewaterbeheer
Belanghebbende, het College van Dijkgraaf en Heemraden van het Waterschap [X], kreeg een aanslag grondwaterheffing opgelegd voor het jaar 1999 wegens onttrekking van grondwater met vier diepwelpompen. Deze onttrekking vond plaats in de kern [Q] om wateroverlast te bestrijden die werd veroorzaakt door kwelwater onder de beschermende dijk.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag, maar de Inspecteur handhaafde deze. Het geschil betrof de vraag of de uitzondering in artikel 1, derde lid, onderdeel a, van de Grondwaterwet van toepassing was, die onttrekkingen bij ontwatering of afwatering van gronden vrijstelt van heffing.
Het Hof oordeelde dat de onttrekking plaatsvond in het kader van het beheer van oppervlaktewater, een reglementaire taak van belanghebbende, en dat de uitzondering van toepassing is. De Inspecteur's standpunt dat verticale drainage vergelijkbaar is met bronbemalingen en industriële onttrekkingen en daarom niet onder de uitzondering valt, werd verworpen. De aanslag werd vernietigd en het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De aanslag grondwaterheffing wordt vernietigd omdat de onttrekking valt onder de uitzondering voor ontwatering en afwatering van gronden.