ECLI:NL:GHARN:2002:AF2043
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.M. de Kroon
- J.P.M. Kooijmans
- J. Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingheffing pensioenrecht na emigratie en zetelverplaatsing vennootschap
Belanghebbende, directeur en aandeelhouder van [A BV], emigreerde in 1996 met zijn gezin naar België, waarbij ook de zetel van de vennootschap werd verplaatst. De Inspecteur stelde de aanslag inkomstenbelasting 1996 vast op een belastbaar inkomen van ƒ 401.253, inclusief de waarde van het toegekende pensioenrecht.
Belanghebbende betwistte de aanslag, stellende dat door een ontbindende voorwaarde in de pensioenbrief de pensioenrechten niet waren toegekend, en dat het heffingsrecht over het pensioen aan België toekwam op grond van het belastingverdrag. De Inspecteur handhaafde de aanslag en stelde dat het pensioenrecht als loon moest worden belast volgens de Nederlandse Wet op de loonbelasting.
Het Hof oordeelde dat de ontbindende voorwaarde in de pensioenbrief geen terugwerkende kracht heeft en dat het pensioenrecht sinds toekenning als loon is genoten. Door de verplaatsing van de vennootschap naar België voldoet deze niet langer aan de eisen voor een Nederlandse verzekeraar, waardoor het pensioenrecht op het moment van emigratie als loon uit vroegere dienstbetrekking moet worden aangemerkt. Het heffingsrecht berust derhalve bij Nederland. De waarde van de aanspraak werd door het Hof vastgesteld op ten minste ƒ 366.001, conform de berekening van de Inspecteur.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd. De Inspecteur werd niet veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1996 bevestigd.