ECLI:NL:GHARN:2000:AA9015
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onroerendheid en waardebepaling van recreatiebungalow op gehuurde grond
Belanghebbende huurde een stuk grond in een bungalowpark en had daarop een circa 40 jaar oude recreatiebungalow geplaatst. De gemeente stelde de waarde van dit object voor WOZ-doeleinden vast op ƒ 50.000, waarna belanghebbende bezwaar maakte. De waarde werd vervolgens bij uitspraak op bezwaar verlaagd naar ƒ 35.000. Belanghebbende kwam in beroep tegen deze uitspraak en stelde dat de bungalow als roerende zaak moest worden aangemerkt en dat de waarde te hoog was vastgesteld.
Het Hof oordeelde dat de bungalow duurzaam met de grond verenigd is en derhalve onroerend is, mede gelet op de aard, inrichting, bestemming en aansluiting op nutsvoorzieningen. De staat van onderhoud en de erfpachtverlenging deden hieraan niet af. Verder werd geoordeeld dat de bungalow en de gehuurde grond als één object moeten worden beschouwd voor de WOZ-waardering.
De waarde van het object werd vastgesteld op ƒ 35.000, bestaande uit ƒ 20.000 voor de opstal en ƒ 15.000 voor de grond. Het Hof hechtte geen doorslaggevende waarde aan het taxatierapport van de gemeente vanwege onvoldoende vergelijkbaarheid en hield rekening met de slechte staat van onderhoud op de peildatum. Belanghebbendes stelling dat de waarde van de opstal slechts ƒ 10.000 bedroeg, werd niet aannemelijk geacht.
De uitspraak op het bezwaar werd bevestigd en belanghebbende werd niet in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: De waarde van de recreatiebungalow met grond wordt vastgesteld op ƒ 35.000 en de uitspraak op het bezwaar wordt bevestigd.