Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.[appellant1]
[appellanten] c.s.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De schuldenaar werd toegelaten tot de schuldsaneringsregeling na vernietiging van een eerdere afwijzing. Een eerste schuldsaneringstraject werd tussentijds beëindigd wegens benadeling van schuldeisers door een detacheringsconstructie en het niet ontvangen van vergoeding voor gebruik van bedrijfsmiddelen.
Na faillissement en een vaststellingsovereenkomst met nabetalingen werd het faillissement opgeheven en een nieuwe schuldsaneringsregeling uitgesproken met een verkorte looptijd van drie maanden. De bewindvoerder diende een eindverslag in en de rechtbank beëindigde de regeling met toekenning van de schone lei, omdat de schuldenaar niet tekort was geschoten in zijn verplichtingen.
Schuldeisers stelden hoger beroep in tegen deze beslissing en tegen eerdere besluiten, maar het hof verklaarde hen niet ontvankelijk voor het beroep tegen eerdere vonnissen en beschikkingen. Het hof oordeelde dat alleen de nakoming van verplichtingen tijdens de huidige regeling relevant is voor de beoordeling van de schone lei.
De stellingen van schuldeisers over onjuiste vaststelling van het vrij te laten bedrag en onvoldoende afdracht werden onvoldoende onderbouwd. De bewindvoerder had de financiële stukken toegelicht en het hof vond geen aanwijzingen voor fouten. De rechtbankbeslissing werd bekrachtigd en de schuldenaar kreeg de schone lei toegekend.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van de schuldsaneringsregeling met toekenning van de schone lei aan de schuldenaar en verklaart het beroep van schuldeisers niet ontvankelijk voor eerdere besluiten.