ECLI:NL:GHARL:2026:1417

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
10 maart 2026
Publicatiedatum
10 maart 2026
Zaaknummer
200.365.029
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 62b Wet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing van civiele zaak naar ander gerechtshof wegens betrokkenheid procespartij

In deze civiele procedure heeft verzoeker hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland. Verzoeker is werkzaam bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waardoor het hof betrokken is bij de zaak en er sprake is van een mogelijke belangenverstrengeling.

Op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie kan het gerechtshof een zaak verwijzen naar een ander gerechtshof indien behandeling door het eigen hof ongewenst is vanwege betrokkenheid. Het hof oordeelt dat behandeling door een ander gerechtshof gewenst is en verwijst de zaak daarom naar het Gerechtshof Amsterdam.

De verwijzing is gebaseerd op het Zaaksverdelingsreglement van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uit 2014. De beschikking is op 10 maart 2026 in het openbaar uitgesproken door de drie rechters en griffier.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling vanwege betrokkenheid van een procespartij bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.365.029
(zaaknummer rechtbank Gelderland 450693)
beschikking van 10 maart 2026
in de zaak van
[verzoeker]
die woont in [woonplaats1]
die hoger beroep heeft ingesteld
hierna: [verzoeker]
advocaat: mr. A.J. Somhorst
en
[verweerster]
die woont in [woonplaats2]
hierna: [verweerster]
advocaat: mr. K.J.M. Slangen

1.Het verloop van de procedure in hoger beroep

1.1
[verzoeker] heeft hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (hierna: het hof) tegen de beschikking die de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, op 17 december 2025 heeft gegeven. Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit het beroepschrift van [verzoeker] dat is ingekomen bij het hof op 17 februari 2026. [verzoeker] verzoekt het hof de zaak door te verwijzen naar het gerechtshof Amsterdam.
1.2
Het hof beslist dat de zaak moet worden verwezen en licht dat hierna toe.

2.De toelichting op de beslissing

2.1
Artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie bepaalt dat het gerechtshof een zaak ter verdere behandeling kan verwijzen naar een ander gerechtshof, indien naar zijn oordeel door betrokkenheid van het gerechtshof behandeling van die zaak door een ander gerechtshof gewenst is.
2.2
[verzoeker] is werkzaam in dit hof. Daardoor is het hof betrokken bij deze zaak.
2.3 Gezien die betrokkenheid van het hof is behandeling van de zaak door een ander gerechtshof gewenst. Het hof zal de zaak voor verdere behandeling verwijzen naar het gerechtshof Amsterdam. Dat gerechtshof is voor dit doel aangewezen in het Zaaksverdelingsreglement van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, gepubliceerd in
Staatscourant2014, 11037.

3.3 De beslissing van het gerechtshof

Het hof:
verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.
Deze beschikking is gegeven door mrs. H.L. Wattel, M.L. van der Bel en S.C.P. Giesen, en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2026.