3.3.[geïntimeerde ] heeft bij de mondelinge behandeling van 1 oktober 2025 een brief van de gemeente Dinkelland van 23 juni 2025 overgelegd. Namens de gemeente is daarin geschreven:
“
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Het overgangsrecht in de Omgevingswet en het Invoeringsbesluit Omgevingswet regelt dat er bij het in werking treden van de wet een vergunningplicht geldt op grond van de gemeentelijke kapverordening voor activiteiten met betrekking tot het vellen of doen vellen van een houtopstand.
[…]
In de gemeente Dinkelland is een Kapverordening van kracht waarin diverse zaken omtrent
houtopstanden geregeld zijn. Deze Kapverordening is sinds 10-08-2021 van kracht en is sindsdien ongewijzigd. Bij het realiseren van 'kijkgaten’ in een houtopstand gaat het om snoeien, dan wel vellen van een houtopstand of gedeelte daarvan.
[…]
Begripsomschrijving ‘Vellen’ conform artikel 1 van de Kapverordening Dinkelland 2021:
vellen: het kappen; rooien; verplanten; snoeien van meer dan 20% van de boomkroon of het
wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen en knotten; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood, ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben
[…]
Binnen de bebouwde kom
Voor het gedeeltebinnende bebouwde kom geldt een verbod op vellen van bomen of boomvervormers conform art.2 van de Kapverordening. In de praktijk komt het neer op een kapverbod voor alle bomen met een stamomtrek groter dan 1,00m, gemeten op 1,3m vanaf maaiveld. Daarnaast geldt het verbod voor alle houtopstanden die zijn aangelegd als onderdeel van een herplantplicht of inpassingsplicht en waarop een instandhoudingsplicht rust. De aangelegde verbreding van de houtopstand zal hier mogelijk onder vallen, deze is als herplantplicht gerealiseerd behorend bij de vergunning voor het vellen van het bosje, destijds gelegen achter [plaats] 6.
Buiten de bebouwde kom
Voor het gedeelte buitend bebouwde kom gelden diverse kapverboden conform art. 3 van de Kapverordening. […] Daarnaast geldt een verbod op het geheel of gedeeltelijk vellen van landschapselementen. Verder geldt ook hier een verbod op het vellen van houtopstanden die in het kader van een herplantplicht of inpassingsplicht zijn geplant en waarop een instandhoudingsplicht rust. De aangelegde verbreding van de houtopstand zal hier onder vallen, deze is als herplantplicht gerealiseerd behorend bij de vergunning voor het vellen van het bosje, destijds gelegen achter [plaats] 6. Daarnaast zal het gedeelte van de houtopstand wat gelegen is in het buitengebied ook vallen onder het verbod op vellen van landschapselementen.
[…]
In de Kapverordening zijn onder artikel 4 uitzonderingen op het verbod opgenomen. Met name lid 1 en 2 zijn in deze casus mogelijk relevant.
Artikel 4 lid 1 geeft aan dat het kapverbod niet geldt voor het periodiek afzetten van hakhout. In de begripsomschrijving wordt zowel periodiek afzetten als hakhout nader toegelicht;
periodiek afzetten; het afzetten ven hakhout dat minstens één keer per 15 jaar plaatsvindt;
hakhout: bomen of boomvormers, die na het afzetten op de stobbe weer uitlopen én waarbij periodiek afzetten voor de instandhouding ervan noodzakelijk is.
Bovenstaande begripsomschrijving laat blijken dat het bij hakhout gaat om bomen of boomvormers. Er wordt niet gesproken over struiken. Daarnaast laat het blijken dat het periodiek afzetten noodzakelijk is voor de instandhouding. Een vorm van noodzakelijk, terugkerend onderhoud met een maximale omlooptijd van 15 jaar, om de houtopstand als geheel toekomstbestendigheid te geven. Kijkend naar de casus kan niet gesteld worden dat het snoeien of knippen van kijkgaten in de houtopstand gezien kan worden als het periodiek afzetten van hakhout.
Artikel 4 lid 2 geeft aan dat het kapverbod niet geldt voor het kappen van bij wijze van dunning. In de begripsomschrijving wordt de term 'dunning' nader toegelicht:
dunning: velling, welke uitsluitend als een verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand moet worden beschouwd. De houtopstand als geheel verliest hierbij zijn functie en vorm niet.
Hieruit valt op te maken dat het uitvoeren van dunning in houtopstanden gezien wordt als verzorgingsmaatregel om de toekomstbestendigheid te waarborgen. Men kan dit zien als een vorm van regulier onderhoud. Het snoeien van kijkgaten wordt niet uitgevoerd als maatregel ten behoeve van de toekomstbestendigheid van de houtopstand en kan als zodanig niet gezien worden als dunning. Daarbij kan als kanttekening geplaatst worden dat een opening in de houtopstand, ontstaan door uitvoering van regulier onderhoud, evenwel als tijdelijk kijkgat kan dienen totdat de houtopstand door groei het gat weer dicht. Instandhouding van een als zodanig ontstaan kijkgat is daarentegen geen regulier onderhoud.
Conclusie vergunningplicht volgens Kapverordening Dinkelland 2021
Uit bovenstaande kan geconcludeerd worden dat er voor het realiseren van kijkgaten geen beroep gedaan kan worden op vrijstelling van vergunningplicht conform artikel 4 van de Kapverordening Dinkelland 2021 en dat er een vergunningplicht geldt conform art 2 en/of 3 voor zover er geen sprake is van regulier onderhoud.
[…]
Beoordelingskader vergunningverlening volgens Kapverordening Dinkelland 2021
Indien een vergunning wordt aangevraagd voor het (gedeeltelijk) vellen van een houtopstand wordt het gemotiveerde belang tot vellen getoetst aan het belang voor behoud van de waarden zoals opgenomen in de in art 2.3 en 3.4 van de Kapverordening:
a. natuur- en milieuwaarden;
b. landschappelijke waarden;
c. ecologische waarden;
d. cultuurhistorische waarden;
e. waarden van stads- en dorpsschoon;
f. waarden voor recreatie en leefbaarheid.
Voor de houtopstand tussen de tuinen aan de [plaats] en de weidegrond van dhr. [geïntimeerde ] zijn alle waarden in meer of mindere mate van toepassing.
Bij toetsing van een vergunningaanvraag voor het (gedeeltelijk) vellen van een houtopstand worden de 'Beleidsregels uitvoering Kapverordening 2021' gebruikt naast de hiervoor genoemde afweging van waarden.
[…]
Voor het gedeelte van de houtopstand wat binnen de bebouwde kom staat, is in artikel 2.2[van de Beleidsregels uitvoering Kapverordening 2021, toevoeging hof]
opgenomen dat, in beginsel, een vergunning geweigerd wordt indien de motivering voor het vellen overlast betreft. Het verminderen van uitzicht kan gezien worden als een vorm van overlast. Daarmee is het aannemelijk dat een vergunningaanvraag voor het gedeeltelijk vellen van een houtopstand, gemotiveerd met de wens tot het creëren van uitzicht, niet zal leiden tot een vergunningverlening.
Voor het gedeelte van de houtopstand wat buiten de bebouwde kom staat, is in artikel 3.2 opgenomen dat, in beginsel een vergunning wordt geweigerd als door de velling onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschapskenmerken van het betreffende landschap. In art. 3.2 wordt verwezen naar de Cascobenadering Noordoost-Twente.
[…]
In bijlage 2 van de cascobenadering worden de bouwstenen voor het hoog dynamisch
Kampenlandschap (p.30) gegeven. Hierin is leesbaar dat gave bestaande groene elementen de hoofdstructuur vormen van het casco van het landschap.
De houtopstand tussen de [plaats] en gronden van [geïntimeerde ] kan gezien worden als groen element wat bijdraagt aan de hoofdstructuur van het landschap, dit vanwege de afschermende functie ter inpassing van de achterliggende bebouwing.
In hoeverre het realiseren van 'kijkgaten' afbreuk doet aan de landschapskenmerken van het betreffende landschap is slechts te beoordelen als er een concreet beeld is van de omvang van de ingreep. Dan zal ook beoordeeld kunnen worden of er sprake is van 'onevenredige afbreuk'.
Daarnaast staat in artikel 3.3 van de Beleidsregels uitvoering Kapverordening 2021 dat in beginsel, een vergunning geweigerd indien de motivatie voor het vellen overlast betreft. Het verminderen van uitzicht kan gezien worden als een vorm van overlast. Daarmee is het aannemelijk dat een vergunningaanvraag voor het gedeeltelijk vellen van een houtopstand, gemotiveerd met de wens tot het creëren van uitzicht, niet zal lelden tot een vergunningverlening.
Gevolg aanbrengen kijkgaten en in stand houden daarvan
Zoals hierboven overwogen geldt er een vergunningplicht voor het aanbrengen van kijkgaten en het in stand houden daarvan. Indien zonder vergunning tot deze werkzaamheden wordt overgegaan heeft het college van burgemeester en wethouders de bevoegdheid hiertegen handhavend op te traden. Daarbij kan gedacht worden aan het opleggen van een herplantplicht en een last onder dwangsom.