ECLI:NL:GHARL:2025:612

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
5 februari 2025
Publicatiedatum
6 februari 2025
Zaaknummer
21-003148-23
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bij winkeldiefstal

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte was veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week voor winkeldiefstal. De tenlastelegging betrof het wegnemen van parfum uit een drogisterij op 26 januari 2023.

Tijdens de terechtzitting op 22 januari 2025 heeft het hof het dossier zorgvuldig onderzocht, waarbij zowel de vordering van de advocaat-generaal als de verdediging werden gehoord. Het hof constateerde meerdere tegenstrijdigheden in het dossier, met name in de processen-verbaal van bevindingen die camerabeelden beschrijven. Deze camerabeelden en de bijbehorende foto's ontbraken echter in het dossier, waardoor het hof deze niet kon beoordelen.

Gezien deze tekortkomingen en de onduidelijkheid over het bewijs kon het hof niet met voldoende zekerheid vaststellen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan de tenlastegelegde gedragingen. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van het tenlastegelegde feit.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor winkeldiefstal.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003148-23
Uitspraak d.d.: 5 februari 2025
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Zwolle,
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Nederland van 3 juli 2023 met parketnummer 18-026526-23 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1986,
wonende te [adres] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 22 januari 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsvrouw, mr. M.M. Scholten, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter heeft verdachte bij vonnis van 3 juli 2023, waartegen het hoger beroep is gericht, veroordeeld ter zake van het tenlastegelegde feit tot een gevangenisstraf voor de duur van één week, met aftrek van voorarrest.
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 26 januari 2023 te [plaats] , gemeente [gemeente] parfum, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de [drogisterij] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen.

Vrijspraak

Zowel de advocaat-generaal als de raadsvrouw hebben zich op het standpunt gesteld dat verdachte ter zake van het tenlastegelegde feit dient te worden vrijgesproken.
Gezien de vele tegenstrijdigheden in het dossier, onder meer tussen de processen-verbaal van bevindingen waarin de camerabeelden worden beschreven, alsmede het ontbreken van de beschreven camerabeelden en het ontbreken van foto's waarin in processen-verbaal van bevindingen wordt verwezen waardoor het voor het hof niet mogelijk is om deze camerabeelden en foto's (zelf) te bekijken, is het hof van oordeel dat op basis van het thans onderliggende dossier met onvoldoende mate van zekerheid vast te stellen is dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de gedragingen zoals tenlastegelegd.
Het hof zal verdachte derhalve vrijspreken van het tenlastegelegde feit.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Aldus gewezen door
mr. M.E. de Boer, voorzitter,
mr. F. van der Maden en mr. M.B. de Wit, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. A.M.J. Flach, griffier,
en op 5 februari 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.