Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Het onderzoek van de zaak
- de verdachte zal vrijspreken van de onder 1 primair, 1 subsidiair en 2 primair aan hem ten laste gelegde feiten;
- de verdachte ter zake van de onder 1 meer subsidiair, 2 subsidiair, 3 en 4 aan hem ten laste gelegde feiten zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaren, met aftrek van de periode die de verdachte heeft doorgebracht in voorarrest en daarnaast zal opleggen de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege (TBS);
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] deels zal toewijzen, tot een bedrag van € 500,00 ter zake van de gevorderde immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk zal stellen;
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] deels zal toewijzen, tot een bedrag van € 19.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk zal stellen;
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 3] deels zal toewijzen, tot een bedrag van € 19.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk zal stellen.
Het vonnis waartegen het hoger beroep is gericht
- de verdachte vrijgesproken van de onder 1 primair, 1 subsidiair en 2 primair aan hem ten laste gelegde feiten;
- de verdachte ter zake van de onder 1 meer subsidiair, 2 subsidiair, 3 en 4 aan hem ten laste gelegde feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaren, met aftrek van de periode die de verdachte heeft doorgebracht in voorarrest en daarnaast opgelegd de TBS-maatregel met bevel tot verpleging van overheidswege;
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] deels toegewezen, tot een bedrag van € 500,00 ter zake van de gevorderde immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk gesteld;
- de vordering van [benadeelde partij 1] voor het overige afgewezen;
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 2] deels toegewezen, tot een bedrag van € 19.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk gesteld;
- de vordering van [benadeelde partij 2] voor het overige afgewezen;
- de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde partij 3] deels toegewezen, tot een bedrag van € 19.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en de verdachte hoofdelijk aansprakelijk gesteld;
- de vordering van [benadeelde partij 3] voor het overige afgewezen.
in de periode van 7 tot en met 8 december 2022.De verdachte is hierdoor niet geschaad in zijn verdedigingsbelang
.
medeplegenvan die feiten door de verdachte. Subsidiair is aangevoerd dat niet buiten redelijke twijfel kan worden vastgesteld dat de verdachte (voorwaardelijk) opzet heeft gehad op het gebruik van geweld of bedreiging met geweld. Hiertoe is onder meer aangevoerd dat de verdachte geen deelgenoot is geweest van het vooropgezette plan om een woningoverval te plegen, dat hij ter plaatse enigszins is overvallen door de situatie waarin hij belandde en dat hij zich weliswaar niet voldoende heeft gedistantieerd, maar ook geen uitvoeringshandelingen heeft verricht.
uitsluitendals getuige in de zaak van [medeverdachte] gehoord. Dit verhoor kan daarom geen bewijs vormen in de zaak van de verdachte.
medeplegen van mishandeling
Oplegging van straf
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- de rol van de verdachte - als medepleger - ter zake van het bewezen verklaarde binnendringen in de woning aan de [adres] in [plaats] (feit 1 meer subsidiair). Dit binnendringen in de woning heeft vervolgens geresulteerd in mishandeling van de betrokken bewoner [slachtoffer 1] (feit 1 meer subsidiair) en in een poging tot afpersing van [slachtoffer 1] (feit 2 subsidiair).
- de omstandigheid dat de verdachte zich daarvan kennelijk geen enkele rekenschap heeft gegeven en heeft gehandeld zonder enig respect voor het welzijn en het eigendomsrecht van een ander;
- de landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht. Ter zake van het misdrijf van een gewelddadige overval in een woning kan in beginsel - aan de feitelijke dader - een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren worden opgelegd. Als straf vermeerderende factoren kunnen daarbij in de beschouwing worden betrokken:
Betrokkene heeft vanuit zijn procespositie geweigerd mee te werken aan het onderzoek.
Inschatting risico’s
Er is bij betrokkene sprake van langdurige problematiek met criminaliteit en het zichzelf maatschappelijk niet kunnen handhaven. Eerdere behandelingen en detenties hadden geen effect. Hij heeft bij onderhavig onderzoek een antisociale attitude en heeft kenmerken van een antisociale persoonlijkheid maar onderzoeker kan geen uitspraak doen of er onderliggend aan het ten laste gelegde sprake is van een psychische stoornis in de zin van een persoonlijkheidsstoornis al dan niet in combinatie met een lage intelligentie.
Uit informatie van derden komen aanwijzingen voor psychische problematiek naar voren (zie paragraaf 2). Er komen onder andere aanwijzingen naar voren voor antisociale persoonlijkheids- en verslavingsproblematiek en beperkte intellectuele capaciteiten. Onderzoeker heeft naar deze psychische problematiek of mogelijk andere psychische problematiek, als gevolg van de beperkingen van het onderzoek, dus geen onderzoek kunnen doen.
.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]
materiële schadeis het gerechtshof niet gebleken dat de gestelde schade rechtstreeks is toegebracht door het bewezen verklaarde. De benadeelde partij zal daarom in zoverre niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering.
immateriële schadestelt het gerechtshof vast dat niet in geschil is dat deze benadeelde partij op andere wijze, zoals bedoeld in artikel 6:106 aanhef en onder b van het Burgerlijk Wetboek (BW), in de persoon is aangetast. De aard en ernst van het bewezen verklaarde feit en de daarmee gepaard gaande schending van persoonlijkheidsrechten van de benadeelde partij zijn zodanig dat die aantasting kan worden aangenomen. De benadeelde partij heeft dus recht op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2]
immateriële schadestelt het gerechtshof vast dat niet in geschil is dat deze benadeelde partij op andere wijze, zoals bedoeld in artikel 6:106 aanhef en onder b BW, in de persoon is aangetast. De aard en ernst van het bewezen verklaarde feit en de daarmee gepaard gaande schending van persoonlijkheidsrechten van de benadeelde partij zijn zodanig dat die aantasting kan worden aangenomen. De benadeelde partij heeft dus recht op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 3]
immateriële schadestelt het gerechtshof vast dat niet in geschil is dat deze benadeelde partij op andere wijze, zoals bedoeld in artikel 6:106 aanhef en onder b BW, in de persoon is aangetast. De aard en ernst van het bewezen verklaarde feit en de daarmee gepaard gaande schending van persoonlijkheidsrechten van de benadeelde partij zijn zodanig dat die aantasting kan worden aangenomen. De benadeelde partij heeft dus recht op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
8 (acht) jaren.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2]
€ 19.232,50 (negentienduizend tweehondertweeëndertig euro en vijftig cent) bestaande uit € 4.232,50 (vierduizend tweehonderdtweeëndertig euro en vijftig cent) materiële schade en