ECLI:NL:GHARL:2025:2502

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
18 april 2025
Publicatiedatum
24 april 2025
Zaaknummer
21-003224-22
Type
Uitspraak
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs overval ondanks sterke DNA-aanwijzing

Op 30 maart 2020 vond een gewelddadige overval plaats in een woning waarbij twee slachtoffers werden bedreigd en mishandeld door drie gemaskerde mannen. De overvallers bonden de slachtoffers vast met tape en namen diverse waardevolle spullen mee.

DNA-onderzoek van het NFI wees uit dat het DNA van verdachte op tape werd aangetroffen die werd gebruikt om de slachtoffers vast te binden. Hoewel dit een sterke aanwijzing vormt, was dit het enige bewijsmiddel dat verdachte aan de overval verbond. Verdachte verklaarde eerder regelmatig in de woning te zijn geweest, wat mogelijk de aanwezigheid van zijn DNA verklaart.

Het hof concludeert dat het daderschap van verdachte niet boven redelijke twijfel is bewezen omdat aanvullend bewijs ontbreekt. De kans op indirecte overdracht van DNA is klein, maar contaminatie kan niet worden uitgesloten. Daarom vernietigt het hof het vonnis van de rechtbank en spreekt verdachte vrij van alle tenlasteleggingen.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs ondanks sterke DNA-sporen.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003224-22
Uitspraak d.d.: 18 april 2025
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 26 juli 2022 met parketnummer 16-060808-21 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1996,
wonende te [adres 1] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 4 april 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van de verdachte ter zake van hetgeen hem ten laste is gelegd tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaren met aftrek van het voorarrest. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw, mr. F. Tosun, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

De rechtbank heeft bij vonnis van 26 juli 2022, waartegen het hoger beroep is gericht, de verdachte veroordeeld ter zake van hetgeen hem ten laste is gelegd tot een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren met aftrek van het voorarrest.
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 30 maart 2020 te [plaats] , in elk geval in Nederland, in/uit een woning (gelegen aan [adres 2] ), tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een laptop (merk Lenovo Ideapad C340-14) en/of airpods (Apple) en/of een telefoon (Apple Iphone 6) en/of een of meerdere portemonnee(s) (met inhoud) en/of een computer (Google Home Mini) en/of een of meerdere sleutel(s) en/of een horloge (merk Thomas Earnshaw) en/of een geldbedrag van (ongeveer) 100 euro en/of een betaalkaart (ING) en/of een auto (BMW met [kenteken] ) dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde te weten aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft/hebben weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- gemaskerd en/of vermomd, althans met gezichtsbedekking, de woning aan [adres 2] binnen te gaan en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, (dreigend) in de richting van [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te houden en/of te tonen en/of,
- die [slachtoffer 1] meermalen, althans eenmaal, (met de vuist) tegen het lichaam te slaan en/of
- die [slachtoffer 1] de woorden toe te voegen: 'Ga op je buik liggen', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of vervolgens (wanneer die [slachtoffer 1] hier niet aan voldoet) een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, (dreigend) in de richting van die [slachtoffer 1] te houden en/of te tonen, en/of
- ( vervolgens) de handen van [slachtoffer 1] vast te tapen (terwijl die [slachtoffer 1] op de grond ligt) en/of
- die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, met een stoel en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, tegen het hoofd en/of het lichaam te slaan en/of
- een theedoek voor de ogen van die [slachtoffer 1] te binden en/of
- de handen van [slachtoffer 2] vast te tapen en/of
- [slachtoffer 1] weer vast te binden met tape (nadat die zijn handen los heeft gewrikt) en/of daarbij een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, (dreigend) in de richting van die [slachtoffer 1] te houden en/of te tonen en/of
- aan die [slachtoffer 1] te vragen of hij de code van de telefoon van [slachtoffer 2] weet en/of (vervolgens) (toen bleek dat [slachtoffer 1] dit niet wist) meerdere keren te trappen en/of te schoppen tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] en/of
- de woorden toe te voegen: 'waar zijn de pasjes?' en/of 'bij welke bank zit je vader?', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- de woning te doorzoeken.

Vrijspraak

Op basis van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting heeft het hof niet de overtuiging bekomen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken. Het hof overweegt daarbij in het bijzonder het volgende.
Uit het dossier blijkt dat op 30 maart 2020 een gewelddadige overval wordt gepleegd in de woning van de slachtoffers. Drie gemaskerde mannen zijn de woning van de slachtoffers binnengedrongen waarna zij de slachtoffers met op vuurwapens gelijkende voorwerpen hebben bedreigd en mishandeld. De overvallers droegen handschoenen. Zij hebben één van de slachtoffers geblinddoekt en de handen van beide slachtoffers vastgebonden met tape. De overvallers hebben onder meer elektronica, geld en bankpassen en een auto meegenomen. Toen de overvallers zijn vertrokken hebben de slachtoffers zich weten te bevrijden en direct de politie ingeschakeld. In de woning van de slachtoffers is een lege rol tape op de eettafel, een rol tape op de vloer en een kluwen tape op de leuning van een fauteuil aangetroffen. Deze rollen en de kluwen tape zijn bemonsterd en het NFI heeft onderzoek op bronniveau verricht.
In vijf bemonsteringen van de rollen en de kluwen tape is een DNA-mengprofiel aangetroffen, waarbij het DNA afkomstig kan zijn van (een van) de slachtoffer(s), van verdachte en in vier van de vijf bemonsteringen van één ander onbekend gebleven persoon.
Verdachte heeft aangevoerd dat hij eerder regelmatig in de woning van de slachtoffers is geweest omdat hij bevriend was met de dochter van het gezin. Ook heeft hij haar geholpen met verhuizen naar deze woning. Ongeveer twee maanden voor het tenlastegelegde was verdachte voor het laatst in de woning. Dit zou volgens verdachte kunnen verklaren dat zijn DNA is aangetroffen op de tape waarmee aangevers zijn vastgebonden.
Het NFI heeft een evaluatie van de onderzoeksresultaten van het DNA-onderzoek op activiteitniveau verricht. Daarbij zijn de resultaten van het DNA-onderzoek op bronniveau getoetst aan sub-hypothesen waarbij is onderzocht wat de kans is dat het DNA van verdachte via verschillende mogelijke routes van overdracht op de rollen of de stukken tape terecht is gekomen. Het hof leidt uit die bevindingen van het NFI af dat de kans dat DNA van verdachte door indirect contact is overgedragen op de rollen en de stukken tape waarmee de slachtoffers zijn vastgebonden, zeer klein is. Echter, niet is uitgesloten dat het DNA van verdachte via contaminatie op de tape terecht is gekomen. Het NFI concludeert weliswaar dat de resultaten van het onderzoek veel (te weten 300 keer) waarschijnlijker zijn als verdachte en twee onbekenden de beide slachtoffers hebben vastgebonden met tape dan wanneer drie onbekenden dit hebben gedaan. Daarbij is echter uitgegaan van sub-hypothesen, zoals verwoord in paragraaf 4 van het onderzoek, terwijl het NFI uitdrukkelijk overweegt dat er geen uitspraak is gedaan over de waarschijnlijkheid van die sub-hypothesen.
Hoewel de aangetroffen DNA-sporen in combinatie met de plek waar deze zijn aangetroffen weliswaar een zeer sterke aanwijzing zijn voor de betrokkenheid van de verdachte bij de overval, is dat ook het enige bewijsmiddel dat de verdachte aan de overval verbindt. Overig (aanvullend) bewijs of aanwijzingen voor betrokkenheid of redenen voor betrokkenheid van de verdachte heeft het opsporingsonderzoek niet opgeleverd. Het hof concludeert dat het daderschap van de verdachte niet boven redelijke twijfel verheven is en spreekt hem vrij van hetgeen hem verweten wordt.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Aldus gewezen door
mr. M.C. Fuhler, voorzitter,
mr. J.A.M. Kwakman en mr. F.E.J. Goffin, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. I.E. van Zalen, griffier,
en op 18 april 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.