Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Het onderzoek van de zaak
Het vonnis waartegen het hoger beroep is gericht
De tenlastelegging
Vrijspraak
opzetwitwassen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De verdachte werd beschuldigd van medeplichtigheid aan schuldwitwassen door het openen van een BUNQ-bankrekening voor een onbekende persoon die betrokken was bij WhatsAppfraude. De fraude leidde tot een schade van meer dan honderdduizend euro bij een tachtigplusser, waarvan een deel op de rekening van de verdachte terechtkwam.
De verdachte erkende het openen van de rekening maar ontkende kennis van witwaspraktijken en verklaarde beïnvloedbaar te zijn geweest door een traumatische ervaring. Zij deed zelf melding bij de politie nadat haar eigen bankrekening was geblokkeerd. De verdediging stelde dat het opzet van de verdachte niet gericht was op het witwassen, wat het hof onderschreef.
Het hof oordeelde dat er onvoldoende bewijs was dat de verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat haar handelen zou leiden tot witwassen. De verdachte werd vrijgesproken van de tenlastelegging. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd niet-ontvankelijk verklaard en moet bij de burgerlijke rechter worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplichtigheid aan schuldwitwassen wegens onvoldoende bewijs van opzet.