Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2025:1944

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
4 april 2025
Publicatiedatum
1 april 2025
Zaaknummer
21-004364-22
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte betrokkenheid brandstichting woning te Tiel

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor betrokkenheid bij een brandstichting op een woning in Tiel in de nacht van 4 op 5 juni 2021, waarbij tevens poging tot moord of doodslag werd betwist. Verdachte werd ervan verdacht medepleger of medeplichtige te zijn geweest bij deze aanslag, waarbij gevaar voor bewoners en goederen werd veroorzaakt.

Tijdens de terechtzittingen heeft het hof vastgesteld dat verdachte samen met medeverdachten vanuit Amsterdam naar Tiel reisde, maar tijdens de brandstichting in de auto bleef zitten. Hoewel verdachte wist van de voorgenomen brandstichting, was er geen bewijs dat hij een actieve bijdrage heeft geleverd die kan worden aangemerkt als medeplegen of medeplichtigheid.

De rechtbank had verdachte eerder vrijgesproken, maar het hof vernietigde dit vonnis om proceseconomische redenen en deed opnieuw recht. Na beoordeling van het bewijs en de standpunten van het Openbaar Ministerie en de verdediging, bevestigt het hof de vrijspraak wegens onvoldoende bewijs.

Daarnaast besliste het hof over het beslag op diverse voorwerpen, waarbij enkele kledingstukken werden teruggegeven aan verdachte en andere voorwerpen in bewaring werden gehouden. De vorderingen van de benadeelde partijen tot schadevergoeding werden afgewezen omdat de feiten niet bewezen zijn.

Het arrest werd op 4 april 2025 uitgesproken door het hof Arnhem-Leeuwarden, waarbij verdachte definitief werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-004364-22
Uitspraak d.d.: 4 april 2025
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof ArnhemLeeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem,
van 27 september 2022 met parketnummer 05/780022-21 in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2002,
wonende te [adres ] .
Het hoger beroep
De officier van justitie heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 29 november 2024, 21 februari 2025 en 27 maart 2025 (tijdens welke zitting het onderzoek is gesloten) en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaten-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw, mr. S. Bijl, naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
De rechtbank heeft verdachte vrijgesproken van de hem onder 1 en onder 2 ten laste gelegde feiten en in het verlengde hiervan de benadeelde partijen niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering. Ook heeft de rechtbank beslissingen genomen ten aanzien van verschillende in beslag genomen voorwerpen.
Het hof zal het vonnis om proceseconomische redenen vernietigen en daarom opnieuw rechtdoen.

1.Verkorte inhoud van de tenlastelegging

De volledige tenlastelegging is als
bijlageopgenomen en aan dit arrest gehecht. Het hof volstaat hier met de korte vermelding van hetgeen aan verdachte wordt verweten:
Betrokkenheid bij een aanslag (brandstichting) op een woning aan [adres 14] in Tiel op 4/5 juni 2021, ten laste gelegd als:
1.
primair: medeplegen van een poging moord/doodslag;
subsidiair: medeplichtigheid aan het medeplegen van een poging moord/doodslag.
2.
primair: medeplegen van brandstichting met gemeen gevaar voor goederen en/of
levensgevaar/gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor personen;
subsidiair: medeplichtigheid aan het medeplegen van brandstichting met gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar/gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor personen.

2.Overweging met betrekking tot het bewijs

2.1.
Standpunt van het OM
De advocaten-generaal hebben het standpunt ingenomen dat niet kan worden vastgesteld dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en dat verdachte om die reden moet worden vrijgesproken.
2.2.
Standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft bepleit dat het hof verdachte zal vrijspreken.
2.3.
Oordeel van het hof
Op 5 juni 2021 is omstreeks 03:00 uur brand gesticht bij de woning met adres [adres 14] in Tiel. De tenlastelegging houdt – kort gezegd – in dat verdachte als medepleger dan wel als medeplichtige bij die brandstichting betrokken is geweest. Het hof acht niet bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan. Ter onderbouwing van dit oordeel overweegt het hof het volgende.
Verdachte is in de nacht van 4 op 5 juni 2021 samen met [naam 20] , [naam 21] en [medeverdachte 8] vanuit Amsterdam afgereisd naar Tiel. De auto werd bestuurd door [medeverdachte 8] . Verdachte zat achterin. In Tiel zijn [naam 20] en [naam 21] uit de auto gestapt om vervolgens de genoemde brandstichting te plegen. Verdachte is toen in de auto gebleven, samen met [medeverdachte 8] . Na de brandstichting keerden [naam 20] en [naam 21] terug bij de auto en zijn ze weer in de auto gestapt. De auto is vervolgens weggereden uit Tiel en is ongeveer tien minuten later op de A2 tot stoppen gebracht door de politie.
Evenals de rechtbank is het hof van oordeel dat weliswaar kan worden vastgesteld dat verdachte in ieder geval kort vóór het uitstappen van [naam 20] en [naam 21] uit de auto wist dat brand zou worden gesticht, maar dat – nu geen bewijs voorhanden is voor een actieve rol van verdachte – niet kan worden vastgesteld dat verdachte aan de gepleegde brandstichting een bijdrage heeft geleverd die kan worden aangemerkt als een vorm van medeplegen of medeplichtigheid.
Hieruit volgt dat het hof niet bewezen acht dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan. Het hof spreekt verdachte derhalve vrij.

3.Beslag

Wat betreft de in beslag genomen voorwerpen beslist het hof als volgt.
Met de betrekking tot de volgende voorwerpen is het hof van oordeel dat verdachte redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt. In het verlengde daarvan gelast het hof dat deze voorwerpen worden teruggegeven aan verdachte.
‒ zwarte schoenen van Adidas (kenmerk: [beslagcode] );
‒ een broek ( [beslagcode] );
‒ een vest ( [beslagcode] );
‒ een T-shirt ( [beslagcode] ).
Met betrekking tot de overige voorwerpen, die verderop in dit arrest worden genoemd (onder de kop ‘BESLISSING’), beslist het hof tot bewaring daarvan ten behoeve van de rechthebbende.

4.Vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde partij 14] en [benadeelde partij 15]

Mevrouw [benadeelde partij 14] en de heer [benadeelde partij 15] hebben zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding in verband met het tenlastegelegde. Zij vorderen € 7.500,- per persoon aan smartengeld, vermeerderd met de wettelijke rente, en hebben verzocht de schadevergoedingsmaatregel op te leggen. De benadeelde partijen zijn bij het vonnis waarvan beroep niet-ontvankelijk verklaard in hun vordering. In hoger beroep hebben de benadeelde partijen zich opnieuw gevoegd.
Oordeel van het hof
Het hof verklaart de benadeelde partijen niet-ontvankelijk in de vordering, omdat de vordering betrekking heeft op feiten waarvan verdachte wordt vrijgesproken.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 1 subsidiair, 2 primair en 2 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.
Beslag
Gelast de
teruggaveaan verdachte van de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:
‒ zwarte schoenen van Adidas (kenmerk: [beslagcode] );
‒ een broek ( [beslagcode] );
‒ een vest ( [beslagcode] );
‒ een T-shirt ( [beslagcode] ).
Gelast de
bewaring ten behoeve van de rechthebbendevan de volgende in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen:
‒ een (werk)handschoen van Condor (kenmerk: [beslagcode] );
‒ een jas ( [beslagcode] );
‒ een jas van The North Face ( [beslagcode] );
‒ een joggingbroek ( [beslagcode] );
‒ een flesdop ( [beslagcode] );
‒ een linkerschoen van Nike ( [beslagcode] );
‒ een pet van Under Armour ( [beslagcode] );
‒ een flesje water ( [beslagcode] );
‒ een hoodie ( [beslagcode] );
‒ een spijkerbroek ( [beslagcode] );
‒ een jas van Primark ( [beslagcode] );
‒ een pet van Gucci ( [beslagcode] );
‒ een pet van Under Armour ( [beslagcode] );
‒ schoenen van Nike ( [beslagcode] ).
Vorderingen van de benadeelde partijen
[benadeelde partij 14] en [benadeelde partij 15]
Verklaart de benadeelde partijen [benadeelde partij 14] en [benadeelde partij 15]
niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Veroordeelt de benadeelde partijen in de door verdachte gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Aldus gewezen door
mr. A. van Maanen, voorzitter,
mr. M. Keppels en mr. J. Corthals, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. L.A.C. van den Berg-Veltman en mr. D. van der Geld, griffiers,
en op 4 april 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Bijlage: de tenlastelegging
Aan verdachte is -na toewijzing van een vordering tot wijziging van de tenlastelegging in eerste aanleg- ten laste gelegd dat:
1. primair
hij in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Tiel
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [benadeelde partij 15] en/of de vrouw en/of de kinderen van die [benadeelde partij 15] opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade van het leven te beroven
met een hoeveelheid brandbare (vloei)stoffen naar een woning (perceel [adres 14] Tiel) waar op dat moment voornoemde [benadeelde partij 15] en zijn voornoemde gezinsleden lagen te slapen/verbleven) is/zijn gereden/gegaan en/of vervolgens brand heeft/hebben gesticht in/bij (de directe nabijheid van) die woning door (die) brandbare (vloei)stof(fen) te gooien en/of te plaatsen en/of uit te sprenkelen tegen de voordeur van die woning en/of die (vloei)stof(fen) aan te steken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
1. subsidiair
[naam 20] en/of [naam 21] en/of [medeverdachte 8] in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Tiel
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door die [naam 20] en/of die [naam 21] en/of die [medeverdachte 8] en/of hun mededader(s) voorgenomen misdrijf om [benadeelde partij 15] en/of de vrouw en/of de kinderen van die [benadeelde partij 15] opzettelijk en al dan niet met voorbedachten rade van het leven te beroven
met een hoeveelheid brandbare (vloei)stoffen naar een woning (perceel [adres 14] Tiel) waar op dat moment voornoemde [benadeelde partij 15] en zijn voornoemde gezinsleden lagen te slapen/verbleven) is/zijn gereden/gegaan en/of vervolgens brand heeft/hebben gesticht in/bij (de directe nabijheid van) die woning door (die) brandbare (vloei)stof(fen) te gooien en/of te plaatsen en/of uit te sprenkelen tegen de voordeur van die woning en/of die (vloei)stof(fen) aan te steken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,
tot en/of bij het plegen van dit misdrijf hij, verdachte
opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Amsterdam en/of Tiel en/of elders in Nederland opzettelijk
‒ informatie afkomstig van de opdrachtgever die van belang was voor de uitvoering van het delict door te geven en/of te delen aan/met zijn mededaders en/of
‒ samen met [naam 20] althans een ander, althans alleen, het adres van bestemming ( [adres 14] te Tiel) in te voeren in (een navigatieapp op) de telefoon (van [naam 21] ), met behulp van welke telefoon en naar welk adres (vervolgens) genavigeerd werd door de bestuurder en/of
‒ de kleding die bestemd was om door een of meer van voormelde mededaders te worden gedragen bij het delict, samen met een ander althans alleen, van achter in de auto te pakken en door te geven naar voren, nadat de auto was gearriveerd op de bestemming (nabij [straat] 10 te Tiel) en/of
‒ samen met de bestuurder met de auto nabij dat adres te Tiel te wachten en klaar te staan voor de vlucht, nadat een of meer van voormelde daders waren uitgestapt, en/of
‒ samen met de bestuurder, althans een mededader(s), althans alleen, ten tijde van de uitvoering van het delict op de uitkijk te staan en/of
‒ samen met een mededader, althans alleen, na de terugkomst van [naam 20] en [naam 21] , de door hen ten tijde van het delict gedragen kleding en schoenen aan te nemen en ‒ via het (ski)luik ‒ in de achterbak/achterin in de auto weg te bergen;
2. primair
hij in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Tiel
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
opzettelijk brand heeft gesticht in/bij een woning (perceel [adres 14] ) door (een) brandbare (vloei)stof(fen) te gooien en/of te plaatsen en/of uit te sprenkelen tegen de voordeur van die woning en/of die (vloei)stof(fen) aan te steken,
althans door open vuur in aanraking te brengen met een brandbare stof,
ten gevolge waarvan d(i)e voordeur en/of een kozijn en/of de voorgevel van die woning geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor de bewoner(s) van die woning, te weten [benadeelde partij 15] en/of de vrouw en/of de kinderen van die [benadeelde partij 15] , in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor die bewoner(s), in elk geval levensgevaar voor een ander of anderen en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor die bewoner(s), in elk geval gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen te duchten was;
2. subsidiair
[naam 20] en/of [naam 21] en/of [medeverdachte 8] in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Tiel
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
opzettelijk brand heeft/hebben gesticht in/bij een woning (perceel [adres 14] ) door (een) brandbare (vloei)stof(fen) te gooien en/of te plaatsen en/of uit te sprenkelen tegen de voordeur van die woning en/of die (vloei)stof(fen) aan te steken,
althans door open vuur in aanraking te brengen met een brandbare stof,
ten gevolge waarvan d(i)e voordeur en/of een kozijn en/of de voorgevel van die woning geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor de bewoner(s) van die woning, te weten [benadeelde partij 15] en/of de vrouw en/of de kinderen van die [benadeelde partij 15] , in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar voor die bewoner(s), in elk geval levensgevaar voor een ander of anderen en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor die bewoner(s), in elk geval gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen te duchten was
tot en/of bij het plegen van dit misdrijf hij, verdachte
opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft en/of
opzettelijk behulpzaam is geweest door in of omstreeks de nacht van 4 op 5 juni 2021 te Amsterdam en/of Tiel en/of elders in Nederland opzettelijk
‒ informatie afkomstig van de opdrachtgever die van belang was voor de uitvoering van het delict door te geven en/of te delen aan/met zijn mededaders en/of
‒ samen met [naam 20] althans een ander, althans alleen, het adres van bestemming ( [adres 14] te Tiel) in te voeren in (een navigatieapp op) de telefoon (van [naam 21] ), met behulp van welke telefoon en naar welk adres (vervolgens) genavigeerd werd door de bestuurder en/of
‒ de kleding die bestemd was om door een of meer van voormelde mededaders te worden gedragen bij het delict, samen met een ander althans alleen, van achter in de auto te pakken en door te geven naar voren, nadat de auto was gearriveerd op de bestemming (nabij [straat] 10 te Tiel) en/of
‒ samen met de bestuurder met de auto nabij dat adres te Tiel te wachten en klaar te staan voor de vlucht, nadat een of meer van voormelde daders waren uitgestapt, en/of
‒ samen met de bestuurder, althans een mededader(s), althans alleen, ten tijde van de uitvoering van het delict op de uitkijk te staan en/of
‒ samen met een mededader, althans alleen, na de terugkomst van [naam 20] en [naam 21] , de door hen ten tijde van het delict gedragen kleding en schoenen aan te nemen en ‒ via het (ski)luik ‒ in de achterbak/achterin in de auto weg te bergen.