ECLI:NL:GHARL:2024:6875
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte in hoger beroep wegens niet-verschijnen
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 13 februari 2023. Zowel verdachte als de officier van justitie hadden hoger beroep ingesteld.
Tijdens de terechtzitting op 28 oktober 2024 bleek dat de raadsman van verdachte in de veronderstelling verkeerde dat de zitting niet doorging vanwege een intrekking van het hoger beroep door het openbaar ministerie. Echter was het hoger beroep van verdachte zelf niet ingetrokken en verscheen verdachte niet.
Gezien het ontbreken van bezwaren tegen het vonnis en het niet verschijnen van verdachte, besloot het hof op grond van artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering de verdachte niet-ontvankelijk te verklaren in het hoger beroep. De zaak werd daarmee zonder inhoudelijke behandeling afgedaan.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens niet verschijnen en geen intrekking van het hoger beroep.