ECLI:NL:GHARL:2024:602

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
11 januari 2024
Publicatiedatum
24 januari 2024
Zaaknummer
200.335.465
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:258 BWArt. 29a Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen verlenging ondertoezichtstelling kinderen niet tijdig verlengd

De ondertoezichtstelling van de kinderen werd verleend met ingang van 27 oktober 2022 tot 27 oktober 2023 door de kinderrechter. Op 27 oktober 2023 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling verlengd en een zorgregeling vastgesteld tussen de kinderen en de vader.

Zowel de gecertificeerde instelling (GI) als de vader stelden dat de ondertoezichtstelling niet tijdig was verlengd, terwijl de moeder hierover geen standpunt innam. Het hof oordeelt dat op grond van artikel 1:258 BW Pro de duur van een ondertoezichtstelling maximaal één jaar mag zijn. De eerste beschikking liep precies één jaar, waardoor de ondertoezichtstelling van rechtswege eindigde op 26 oktober 2023.

De verlenging op 27 oktober 2023 is daarmee buiten de wettelijke termijn gedaan. Volgens de Hoge Raad (HR 9 juli 2021, ECLI:HR:2021:1113) kan een niet tijdig verlengde ondertoezichtstelling niet meer worden verlengd. Het hof vernietigt daarom de beschikking van 27 oktober 2023 en wijst het incidenteel appel van de vader af omdat niet aan de voorwaarden is voldaan. De verzoeken van de vader worden afgewezen en er is geen aanleiding voor een kostenveroordeling.

Uitkomst: De verlenging van de ondertoezichtstelling van 27 oktober 2023 wordt vernietigd omdat deze niet tijdig is verlengd.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem, afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.335.465
zaaknummer rechtbank Gelderland 424473
proces-verbaal van uitspraak als bedoeld in artikel 29a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)
Proces-verbaal van de mondelinge behandeling met gesloten deuren van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 11 januari 2024, door mrs. J.U.M. van der Werff, voorzitter, I.G.M.T. Weijers-van der Marck en L. Hamer, leden, bijgestaan door mr. L.M. de Wit, griffier,
in de zaak van:

de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming Gelderland,

die is gevestigd in Arnhem,
verzoeker in hoger beroep
hierna: de GI,

[de moeder] ,

die woont in [woonplaats1] ,
hierna: de moeder,
advocaat: mr. S. Striekwold,
en

[de vader] ,

die woont in [woonplaats1] en verblijft in [verblijfplaats] ,
hierna: de vader,
advocaat: mr. A. Oosterhuis-Boeve.
Aanwezig waren:
  • de vader met zijn advocaat;
  • de moeder het haar advocaat;
  • [naam1] en [naam2] , namens de GI;
  • [naam3] , namens de raad.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft het hof de zitting geschorst voor overleg in de raadkamer. Vervolgens heeft het hof de zaak doen uitroepen voor uitspraak en heeft het hof op grond van artikel 29a Rv in het openbaar mondeling uitspraak gedaan.
De kinderrechter heeft de kinderen onder toezicht gesteld van de GI in de beschikking van 27 oktober 2022. Volgens die beschikking is de ondertoezichtstelling geldig
met ingang van 27 oktober 2022 tot 27 oktober 2023.
In de beschikking van 27 oktober 2023 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling van de kinderen verlengd en een zorgregeling vastgesteld tussen de kinderen en de vader.
Zowel de GI als de vader stellen zich op het standpunt dat de ondertoezichtstelling niet tijdig is verlengd. De moeder heeft hierover geen standpunt ingenomen.
Het hof oordeelt als volgt. Artikel 1:258 BW Pro bepaalt dat de duur van de ondertoezichtstelling ten hoogste één jaar is. Uit de tekst van de beschikking van 27 oktober 2022 volgt dat de ondertoezichtstelling is verleend voor de periode van 27 oktober 2022
tot27 oktober 2023. Dat is precies één jaar. Daarmee is de ondertoezichtstelling van rechtswege geëindigd op 26 oktober 2023. De verlenging op 27 oktober 2023 is daarom buiten de termijn van één jaar gedaan. Op grond van HR 9 juli 2021, ECLI:HR:2021:1113 kan een ondertoezichtstelling die niet tijdig is verlengd en dus is geëindigd ook niet meer verlengd worden.
Voorstaande leidt ertoe dat het hof de beschikking van de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem, van 27 oktober 2023 zal vernietigen.
De vader heeft voorwaardelijk incidenteel appel gesteld. Omdat aan de voorwaarden niet wordt voldaan, komt het hof niet toe aan inhoudelijke behandeling van dit incidenteel appel. Het hof wijst de verzoeken van de vader daarom af. Het hof ziet geen aanleiding voor de door de vader verzochte kostenveroordeling.

De beslissing

Het hof vernietigt de beschikking van de rechtbank Gelderland, locatie Arnhem, van 27 oktober 2023;
wijst het meer of anders verzochte af.
De voorzitter deelt mee dat een afschrift van het bovenstaande volgt binnen veertien dagen en sluit de zitting.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal dat conform artikel 29a Rv is ondertekend door de voorzitter.
Mr. J.U.M. van der Werff
voorzitter