ECLI:NL:GHARL:2023:8357
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter en matiging bestuursrechtelijke sanctie wegens mobiel vasthouden tijdens rijden
De betrokkene werd door de officier van justitie een bestuursrechtelijke sanctie opgelegd van €240 wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op 28 mei 2020 op de A12 te Woerden. De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond en wees een verzoek tot proceskostenvergoeding af.
In hoger beroep stelde de gemachtigde dat de kantonrechter de behandeling had moeten aanhouden omdat ter zitting een aanvullend proces-verbaal werd overgelegd dat nader onderzoek vereiste. Het hof oordeelde dat het niet aanhouden van de behandeling in strijd was met het beginsel van hoor en wederhoor, waardoor de beslissing van de kantonrechter niet in stand kon blijven.
Het hof vernietigde de beslissing van de kantonrechter en beoordeelde het beroep zelf. De betrokkene voerde aan dat hij geen mobiel vasthield en stelde vragen over de vraagstelling van de officier van justitie bij het opvragen van het proces-verbaal. Het hof vond echter geen aanleiding om aan de verklaring van de ambtenaar te twijfelen en verwierp de bezwaren.
Wel stelde het hof ambtshalve vast dat de redelijke termijn was overschreden en matigde de sanctie met 25%, waardoor het bedrag werd verlaagd naar €180. Tevens werd de advocaat-generaal veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de betrokkene van €837.
Uitkomst: De sanctie voor het vasthouden van een mobiel tijdens het rijden is gematigd van €240 naar €180 en de beslissing van de kantonrechter is vernietigd wegens schending van hoor en wederhoor.