Uitspraak
[appellante] ,
huurders
verhuurder
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Huurders hadden een woning gehuurd die bouwkundig ernstig verwaarloosd was, met lekkages, schimmel en doorgerotte kozijnen. De kantonrechter had de huurovereenkomst ontbonden en huurders veroordeeld tot betaling van huurachterstand, maar wees hun vordering tot huurprijsvermindering af wegens onvoldoende onderbouwing.
In hoger beroep heeft het hof vastgesteld dat de gebreken al ruim voor de ontruiming in september 2021 bestonden en verhuurder daarvan op de hoogte was. Op grond van artikel 7:207 BW Pro is een huurprijsvermindering van 70% over de periode van 1 september 2020 tot ontruiming gerechtvaardigd. Hierdoor bedroeg de huurachterstand minder dan één maand huur.
Het hof oordeelt dat deze geringe achterstand geen ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt. Ook de incassokosten en rente worden naar rato aangepast. Het vonnis van de kantonrechter wordt vernietigd, de vorderingen van verhuurder afgewezen en die van huurders toegewezen, met veroordeling van verhuurder in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de huurprijsvermindering van 70% toe en wijst de ontbinding van de huurovereenkomst af vanwege een geringe huurachterstand.