Uitspraak
[appellant],
[geïntimeerde],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen hebben samengewoond en hun relatie eindigde in april 2022. In hun samenlevingsovereenkomst is vastgelegd dat de kosten van de gezamenlijke huishouding naar evenredigheid van hun inkomens worden gedragen, waaronder huur en kinderopvangkosten.
Na het uitblijven van overeenstemming over de financiële afwikkeling heeft geïntimeerde appellant gedagvaard. De kantonrechter veroordeelde appellant tot betaling van een schadevergoeding, een bijdrage in de huur en energiekosten. Appellant stelde hoger beroep in met het verzoek de toegewezen vordering af te wijzen en een tegenvordering van € 1.884,33 toegewezen te krijgen.
Het hof oordeelt dat appellant onvoldoende bewijs heeft geleverd voor een mondelinge afwijkende afspraak over kostenverdeling. Wel volgt het hof appellant in zijn redenering dat de kinderopvangtoeslag in mindering moet worden gebracht op het inkomen van beide partijen, wat leidt tot een vermindering van de huurvordering met € 36,53.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter, behalve het onderdeel over de huurbijdrage, dat wordt gecorrigeerd. Appellant wordt veroordeeld tot betaling van € 994,91 aan geïntimeerde en beide partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld tot betaling van € 994,91 aan geïntimeerde met een vermindering van de huurvordering.