ECLI:NL:GHARL:2022:8622
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor parkeren op voetpad of trottoir zonder bordaanduiding
De betrokkene kreeg een boete van €95 opgelegd wegens het parkeren op een voetpad of trottoir, in strijd met artikel 10, eerste lid, RVV 1990. De betrokkene stelde dat de boete onvoldoende onderbouwd was, omdat er geen foto of precieze omschrijving van de locatie was en dat een bord G7 aanwezig moest zijn om van een voetpad te spreken.
De kantonrechter vernietigde de beslissing van de officier van justitie, maar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden stelde vast dat het RVV 1990 en de Wegenverkeerswet 1994 geen definitie geven van voetpad of trottoir en dat een bord G7 niet verplicht is. Het hof volgde het spraakgebruik en vond de verklaring van de ambtenaar voldoende om de gedraging vast te stellen.
Het hof oordeelde dat de betrokkene op de hoogte was van de locatie en dat het voertuig daadwerkelijk op een voor voetgangers bestemd weggedeelte stond. De gronden van de betrokkene werden verworpen en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De beslissing van de kantonrechter werd bevestigd.
Uitkomst: De boete van €95 voor parkeren op een voetpad of trottoir wordt bevestigd en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.