Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In hoger beroep heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de zorgregeling tussen de ouders van drie minderjarige kinderen opnieuw vastgesteld. De bestreden beschikking van de rechtbank Noord-Nederland werd vernietigd voor zover het hof hierover oordeelde. De ouders hadden eerder een dwangsomregeling getroffen, maar deze werd ingetrokken na een vaststellingsovereenkomst.
De omgang met de kinderen [de minderjarige1] en [de minderjarige3] vindt wekelijks plaats op donderdag en vrijdag van 14.00 tot 19.30 uur bij de vader, zonder overnachtingen, omdat de kinderen dit niet wensen en de vader geen druk wil uitoefenen. Er is geen omgang met [de minderjarige2]. De vakanties worden volgens de reguliere zorgregeling doorgebracht, tenzij anders overeengekomen, en de feestdagen worden verdeeld in onderling overleg.
Het hof achtte een mondelinge behandeling niet nodig en besloot op basis van ingediende stukken. De schorsing van de eerdere beschikking eindigt en het hof ziet geen reden om dwangsommen op te leggen. De ouders kunnen onderling afspraken maken over eventuele uitbreiding van de zorgregeling, zoals overnachtingen.
Uitkomst: Het hof legt een zorgregeling vast waarbij twee minderjarige kinderen elke donderdag en vrijdag van 14.00 tot 19.30 uur bij de vader verblijven zonder overnachtingen en vakanties en feestdagen in onderling overleg worden verdeeld.