ECLI:NL:GHARL:2022:8206
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep te laat ingesteld tegen beslissing kantonrechter in bestuursstrafzaak
De betrokkene stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de kantonrechter in een bestuursstrafzaak op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De kantonrechter had het beroep van de betrokkene ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
De betrokkene voerde aan dat hij pas op 12 april 2022 kennis kon nemen van de beslissing van de kantonrechter, omdat deze in juni 2021 niet aan hem was toegestuurd. De beslissing was echter wel op 14 juni 2021 aan zijn gemachtigde toegestuurd, die namens hem beroep had ingesteld. Volgens de wet was de griffier niet verplicht de beslissing ook aan de betrokkene zelf te sturen.
Het hof oordeelde dat het te laat instellen van het hoger beroep niet verontschuldigbaar is, omdat de betrokkene zelf verantwoordelijk is voor het handelen van zijn gemachtigde. De termijn voor hoger beroep was op 26 juli 2021 verstreken, terwijl het beroepschrift pas in januari 2022 werd ingediend. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard vanwege te late indiening.