Uitspraak
W.K. Holding,
1.I.R.B. Holding B.V.,
I.R.B. Holding c.s.,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze zaak betreft een hoger beroep in kort geding over de noodzaakfinanciering van Culion B.V., een dochtervennootschap van K.B. Holding, waarin I.R.B. Holding en W.K. Holding elk 50% aandeelhouder zijn. Culion heeft dringend €300.000,- nodig voor een verhuizing vanwege een niet-conform pand en ontbrekende financiering. I.R.B. Holding vordert dat W.K. Holding medewerking verleent aan een aandelenemissie of agiostorting om deze financiering mogelijk te maken.
De voorzieningenrechter heeft de vordering toegewezen. Het hof bekrachtigt dit vonnis na beoordeling van de feiten, waaronder de financiële situatie van Culion, de impasse in de besluitvorming tussen aandeelhouders en het ontbreken van alternatieve financieringsmogelijkheden. W.K. Holding voerde aan dat er geen impasse is en dat eerst een notitie besproken had moeten worden, maar het hof oordeelt dat er wel degelijk sprake is van een impasse en dat rechterlijk ingrijpen noodzakelijk is.
Het hof stelt vast dat Culion niet zelfstandig de verhuizing kan financieren, dat de kredietfaciliteit uitgeput is en dat de aandelenemissie de enige reële optie is. De uitgiftekoers is objectief vastgesteld en W.K. Holding heeft dit onvoldoende betwist. Het hof wijst het bewijsaanbod van W.K. Holding af vanwege de procedurele aard van kort geding en veroordeelt W.K. Holding in de proceskosten. Het arrest is op 7 juni 2022 uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelt W.K. Holding tot medewerking aan de aandelenemissie voor financiering van Culion B.V.